Archief

Archief beheerder

“Als ik minister van Onderwijs was, zou ik…”

“..eerst kijken naar wat wél werkt”

 

“Het probleem in Vlaanderen, ook in ons onderwijs? Dat we al 40 jaar aan het hervormen zijn en bijna elke hervorming uitdraait op een sisser. Met één idee ben je niet veel. We kijken te weinig naar de keten, van kleuterschool tot einde schoolcarrière. Waarom bestuderen we niet meer de praktijken die vandaag al goed lopen, om die duurzaam te ondersteunen en te implementeren in het onderwijsbeleid? Luisteren is alvast wat ik als eerste zou doen, mocht ik minister van Onderwijs zijn, naar de mensen die goed bezig zijn. Wat heeft er gewerkt in het verleden? Wat niet? Zo kunnen we een schoolomgeving creëren waarin alle ouders meer kunnen participeren, alle leerlingen op basis van hun competenties en talenten zich kunnen ontwikkelen, en waarin iedere leerkracht alle middelen krijgt om ondersteuning te kunnen bieden.”

Kleine veranderingen

“Met Integratiepact vzw werken we aan verschillende trajecten. Zoals bijvoorbeeld Transfair, dat werkt rond de overstap van lager naar secundair onderwijs, of PEP, een mentoringproject, en Maxipac, dat buitenlandse diploma’s sneller wil laten erkennen zodat er onder andere meer instroom kan komen in het lerarenkorps.

Kleine veranderingen, maar wel in een systemische benadering. Want een volledig onderwijsbeleid verander je niet in vijf jaar tijd. Anders kan u binnen vijf jaar opnieuw hetzelfde vragen.”

HLN, CELIEN MOORS

Advertenties
Categorieën:Integratiepact, Media

’Vroeger had je cafés waar uithing: migranten niet welkom. We zijn níét intoleranter geworden’

De Standaard/dS Weekblad: Antwerpen – 29 Jun. 2019

Pagina 16

Het integratiebeleid is failliet. Het is al tig keer gezegd en geschreven. ‘Klopt niets van’, zegt Wouter Van Bellingen, directeur van Integratiepact vzw. Hij heeft goede hoop. ‘We moeten ons niet laten gijzelen door de uitersten. De middengroep is groter.’

Filip Rogiers, foto’s Kristof Vadino

IMG_2705Hij las in Knack een interview met de hoogbejaarde Paula D’Hondt, van 1989 tot 1993 Koninklijk Commissaris voor het Migrantenbeleid. Ze zei dat iedereen haar vergeten was. Dat niemand haar vele honderden pagina’s tellende rapporten echt gelezen had. Een paar dagen later kreeg ze post én bloemen van Wouter Van Bellingen. ‘Wij zijn u níét vergeten, mevrouw D’Hondt’, stond er op het kaartje.

Met ‘wij’ doelde hij op het Integratiepact dat hij sinds 2016 op vraag van de Vlaamse regering leidt. Dat pact is geen tekst, maar een vzw. ‘Een beweging’, noemt hij het zelf. Dit is geen semantiek, het is de kern van de zaak. ‘In stenen gebeitelde pacten? Dat is iets van de vorige eeuw. Integratie of inclusieve diversiteit, zoals ik het liever noem, is een permanent werk. Nooit af, nooit statisch.’

We spreken Van Bellingen in de marge van een ‘leermoment’ in Leuven. Eerder dan de directeur noem je hem beter de facilitator van een community met een wisselende samenstelling. Vele tientallen mensen van diverse organisaties, scholen, ngo’s en overheidsinstellingen praten, denken, studeren en werken onder zijn auspiciën al drie jaar aan proefprojecten, goede praktijken en nieuwe inzichten.

Van klacht tot kracht, dat is waar het volgens Van Bellingen met die bijna dagelijks geproblematiseerde diversiteit naartoe moet. Het is taai en traag en verdraagt slogans noch overhaasting, euforie noch defaitisme.

U werkte in stilte en in de diepte. En dan loopt het op oudejaarsavond in Molenbeek uit de hand. Of komt er weer een Zwarte Zondag.

(lacht) ‘Laat me raden, uw eerste vraag: zakt de moed u niet in de schoenen?’

Ja.

’Nee. We hebben hier van meet af aan afgesproken dat we ons niet zouden laten afleiden door steekvlammen of de waan van de dag. In Vlaanderen zijn we erg slecht in de lange termijn. Nederland en Angelsaksische landen zijn daar beter in. Als je een acuut probleem hebt, moet je dat hier en nu oplossen. Wil je een taart? Zoek een recept en ga aan de slag. Om op de maan te komen, heb je iets meer handling en procedures nodig. Maar écht complexe problemen – klimaatcrisis, armoede, diversiteit – vergen een erg lang volgehouden inspanning, een voortdurend proces. Diversiteit is complex. Aan oplossingen werk je met vallen en opstaan en niet op de bühne, maar erachter. Het is zoals met de opvoeding van een kind: je hebt er veel tijd en een heel dorp voor nodig. En elk kind is anders.’

26 mei 2019 is natuurlijk iets meer dan een waan van de dag?

(haalt de schouders op) ‘Schrok u echt van de forse winst voor Vlaams Belang? Ik niet. Ik ben voor het eerst gaan stemmen op 24 november 1991, ik heb alleen maar Zwarte Zondagen gekend en de zwartste was die van 2004. Is het een probleem? Uiteraard. Maar laten we vooral niet weer de fout maken om de spots alleen op die ene partij te richten. Dat gestaar in de lichtbak ontslaat de anderen ten onrechte van verantwoordelijkheid. Iedereen is verantwoordelijk. En het begint bij onszelf. Dat is ook de geest waarin wij werken bij en met het Integratiepact. Verwacht van ons geen kreten à la “het is de schuld van het onderwijs!” of van zus of zo. Wat kan ík doen en wat kunnen we samen doen? Er is geen alternatief. We hebben iedereen nodig.’

Velen krijgen niet het gevoel dat ze nodig zijn. Ook als ze hier geboren zijn. De verkiezingsuitslag, Twittertrollen, de voxpop? Alles schreeuwt hen toe dat ze een last zijn, niet welkom. Unia zag het aantal klachten in vijf jaar tijd verdubbelen.

’Omdat er meer gemeten wordt? Maar ik begrijp uw vraag. Ik ben getrouwd in 1997 en na een zoveelste Zwarte Zondag vroegen we ons ook af of we in deze grimmige omgeving wel kinderen wilden. In 2001 werd mijn zoon geboren en in 2004 mijn dochter. Na elke verkiezing krijg ik de vraag van mensen: moeten we hier blijven? De Koning Boudewijnstichting is in een onderzoek tot de conclusie gekomen dat van de Belgen met Afrikaanse roots de hoogst opgeleiden vaak de grootste armoede kennen. Ik ken jonge, hoogopgeleide mensen die zeggen: sorry, ik ben hier geboren, maar als ik hier niet aanvaard word, ben ik weg. Die kunnen overal ter wereld aan de slag. Die braindrain kunnen we ons niet permitteren.’

Alle algjes

Paula D’Hondt schreef het ook al, zegt hij, dat we iedereen nodig hebben. Dat, zoals Herman de Coninck het na 24 november 1991 schreef, álle algjes in de zee aan het werk moeten. ‘Er zat in haar rapport met een waslijst aan voorstellen ook een economisch luik. Als we de participatie van mensen met een migratieachtergrond aan de arbeidsmarkt met 3 procent hadden kunnen opkrikken, zou ons dat tegen 2010 elk jaar 2 procent extra bruto binnenlands product hebben opgeleverd. Meer werk voor iedereen, meer inkomsten voor de sociale zekerheid en de pensioenen, de zorg en het onderwijs, iedereen beter af.’

’Als de overheid niets onderneemt, waarschuwde mevrouw D’Hondt, zullen we verder achterop geraken ten opzichte van andere Europese landen. Wel, dat is gebeurd. In de jaren 90 verkochten we goud, overheidsgebouwen en wat al niet om de Maastrichtnormen te halen. We hadden beter maximaal geïnvesteerd in de werkzaamheidsgraad van mensen met een migratieachtergrond. Dan had onze begroting vandaag structureel een overschot zoals Nederland.’

Er volgt een diepe zucht. En dan, met klemtoon op elke lettergreep: ‘Mevrouw D’Hondt was visionair, hé. Maar niemand weet dat nog. Het gros van wat ze schreef, ben ik de afgelopen jaren trouwens in bi-bliotheken moeten gaan zoeken. Het staat niet op internet.’

Het wordt dan ook wel eens ‘het rapport dat niemand las’ genoemd.

’Dat is ook niet helemaal waar. In de loop van de jaren hebben partijen er hier en daar kersen uit gepikt, zoals het hun uitkwam. Maar het was een totaalpakket, een syste-mische aanpak. Mevrouw D’Hondt hamerde bijvoorbeeld ook al op het belang van inclusief onderwijs. Ettelijke hervormingen later zijn we daar nog altijd niet in geslaagd. Het drama is dat de enen te weinig of niets hebben gedaan met haar inzichten en dat de anderen ze erg gewiekst misbruikt hebben. (schamper) Soms leek het wel alsof geen enkele partij Paula D’Hondt beter begrepen had dan het Vlaams Belang.’

U zegt?

’D’Hondt had het onder meer over de plaats van de islam. Ze waarschuwde voor culturele problemen als we volgend op de officiële erkenning in 1974 de islam niet ook daadwerkelijk maatschappelijk zouden erkennen. Ze zei dat er nood was aan de vorming van een Europese islam, een islam die de waarden van Europa onderschreef. Daar zien we nu eindelijk een beetje een aanzet toe, maar dat is een kwarteeuw genegeerd. Praten over de plaats van de islam bleef een taboe. Samenlevingsproblemen? Dat was een kwestie van veiligheid, het had niets met religie of cultuur te maken. We miskeken ons daarop, omdat de kerk in eigen land op de terugweg was en de maatschappij aan het seculariseren. De ironie is trouwens dat het geld voor de veiligheidscontracten van de jaren 90 uit een potje van Justitie kwam dat was aangelegd met de lonen die niet meer naar de kerk moesten gaan vanwege het dalende aantal priesters.’

Welke garantie hebt u dat uw werk vandaag wél gezien zal worden? De politieke sterren staan niet bepaald gunstig. Houdt u uw hart niet vast als u leest dat de N-VA en Vlaams Belang in de Vlaamse formatiegesprekken elkaar tot op zekere hoogte hebben gevonden als het over inburgering gaat?

’U overschat de rol van de politiek. Toen ik aan deze job begon, heb ik lang gesproken met professor Luc Huyse. In onze complexe wereld zijn netwerken de motor van oplossingen. Het Integratiepact is een zogenaamde ruggengraatorganisatie, de overheid is een van vele partners. Een weliswaar belangrijke factor naast andere.’

IMG_2706Ze bepaalt de subsidies voor het middenveld.

’We hebben de afgelopen jaren ook nagedacht over alternatieve financiering en verdienmodellen. Maar dit is niet de kern van de zaak. Wat moet gebeuren, zal gebeuren. Wist u dat de grootste investeerders op wereldniveau tegenwoordig bedrijven waarschuwen dat de geldkraan dicht gaat als ze geen actieplan rond diversiteit hebben? En waarom? Omdat bewezen is dat bedrijven met meer diversiteit betere beslissingen nemen. De enige bank in IJsland die níét omverviel, werd overigens geleid door vrouwen. Die belegden slimmer, meer verantwoord.’

’Diversiteit heeft eigenlijk niets met kleurtjes te maken, maar alles met verandering. Dat heeft tijd nodig. Zo ging dat ook met gendergelijkheid. Eerst kreeg je speldenprikken van hen die voor emancipatie streden. Na de oorlog kwam er vrouwenstemrecht. Ik ben in Sint-Niklaas schepen van Burgerlijke Stand geweest. Wist je dat vrouwen pas sinds 1976 geen onderdanigheid meer aan hun man moeten zweren? Vervolgens kwamen er wettelijke instrumenten, vrouwen kwamen in het parlement. Herinner u wat Nelly Maes, mijn politieke moeder, te horen kreeg van Louis Major (’Wijven moeten geen complimenten maken’, red.). En vandaag is er MeToo. Eindelijk! We vinden het maar normaal dat vrouwen gelijk worden behandeld en dat je bepaalde woorden niet meer gebruikt.’

’Elke complexe verandering in de samenleving doorloopt diezelfde curve: een drietrapsraket van innovatie en voorlopers, gevolgd door wetgeving en dan, finaal, gedragsverandering. Met inclusieve diversiteit zal het net zo gaan. Er zijn vandaag al goede praktijken en wetgevende initiatieven, hoe onvolkomen ook. Maar wat ook de kleur van de partij of regering wordt, de komende jaren zal de politiek mee met de samenleving en, niet het minst, de markt opschuiven.’

Het probleem kan té acuut worden, de remediëring voorbij.

’Je forceert het niet, er is altijd tijd nodig. Jean-Luc Dehaene gaf graag het voorbeeld van Amerika: de zwarte bevolking kon daar pas echt vooruitgang boeken toen er een middenklasse kwam die de motor kon zijn van die emancipatiegolf. En op dat punt zijn we nu stilaan ook bij ons in Vlaanderen en België aanbeland, 30 jaar na Paula D’Hondt.’

Dat het integratiebeleid gefaald is, zoals iedereen tegenwoordig zegt, doet er dus niet toe?

’Het klopt niet. Er is veel gebeurd, maar het effect is niet altijd even zichtbaar. Er zijn heel goede praktijken geweest, maar de overstap van praktijk naar beleid liet vaak te wensen over. Maar het integratiebeleid is geen mislukking.’

Nochtans krijgen we daar bijna dagelijks illustraties van. De voorbije week nog met de vaststelling dat je in sommige straten van Molenbeek als homo nog altijd maar beter niet met je vriend hand in hand loopt. En dat we dat tijd moeten geven, nog meer tijd.

’Men gooit alles op één hoopje. Als je kijkt vanwaar we komen in dit land, is het glas inzake diversiteit halfvol. Je had het net over het aantal klachten bij Unia? In de jaren 80 kon je nergens gaan klagen en vond je nog cafés waar op een bordje open en bloot stond dat migranten niet welkom waren. In de integratiesector werk ik elke dag met mensen die zeggen dat ze twintig jaar geleden op hun eentje aan de kar begonnen te trekken, nu hebben ze ettelijke medewerkers en vrijwilligers. De Vlaming is de afgelopen twintig jaar níét intoleranter geworden.’

Veel studies wijzen toch op het tegendeel? Zelfs in die mate dat ‘Knack’ vorig jaar opperde dat het racisme misschien wel in het DNA van de Vlaming zit.

(schudt het hoofd) ‘Ik zie andere onderzoeken. Die van de studiedienst van de Vlaamse regering of die van Equinet (European Network of Equality Bodies, een ngo die sociale gelijkheid promoot en nationale organisaties, zoals Unia, daarin ondersteunt, red.), die in heel de Europese Unie onderzocht hoe mensen tegenover diversiteit staan. Wat blijkt? De Belgen staan positief tegenover het mensenrechtenverhaal. De gemiddelde Vlaming is niet racistisch, hij heeft wel een dieperliggend probleem en dat is zijn gebrek aan veerkracht. Onze zenuwen staan vaker gespannen. Ook dat blijkt uit veel indicatoren, tot ons hoge medicijngebruik toe.’

’Misschien is het door de verzuiling dat we zo weinig schokbestendig zijn voor confrontatie met het nieuwe, het andere. Binnen je zuil kon je van de wieg tot het graf perfect functioneren zonder dat je het ooit aan de stok hoefde te krijgen met iemand met een andere visie of geaardheid. Die pacificatie, zoals dat heette, had voordelen, maar het heeft er wel toe geleid dat we slecht zijn in conflictmanagement. We kruipen in onze schulp en ontploffen, misschien door een op zich triviale trigger. Als er dan op zoveel fronten tegelijk druk op je samenleving komt – klimaat, migratie, technologische evolutie -, kookt het potje snel over. Dat leidt van onwetendheid en onbegrip over wantrouwen en vooroordelen tot radicalisering. Dat manifesteert zich vandaag op alle beleidsdomeinen.’

In een spraakmakend interview aan de vooravond van 24 november 1991 zei Paula D’Hondt dat we met een aansteker boven een gasbel speelden. Is het vandaag zoveel beter? Ik lees in een van uw teksten dat ook u beseft dat u werkt ‘midden in tijden van conflict’.

’Ja natuurlijk, er is de polarisering, er zijn de extreme frames – voor de een is de islam hét probleem, voor de ander is iedereen racist. En je merkt het in alles en over zowat elk thema, zoals recentelijk over de Mobi-score. Die uitvergrote tegenstellingen worden danig dominant dat het lijkt – ik zeg: lijkt – alsof er geen middengroep is en alsof die groep niet véél groter is dan de uitersten. Bruggenbouwers zijn in het verleden misschien te snel in die val getrapt. Ik ook. Als er polarisering is, focust een bruggenbouwer zich op die twee tegengestelde posities. Hij tracht het onverzoenbare te verzoenen. Juist daardoor zet je nog meer schijnwerpers op die uitersten, vaak al dan niet onbewust versterkt door pers en sociale media. Het is verloren energie. Ik doe het niet meer, ik concentreer mij op de middengroep. Wat wil die? Wat wil de Vlaming, de Belg, de Europeaan en wellicht iedere mens? Elke survey zal je hetzelfde zeggen: hij of zij wil een opleiding, een inkomen en een fatsoenlijke woonst.’

Het valt op: u ziet integratie veel breder dan de aloude dichotomie Vlaming-migrant?

’Dat is het helemaal. De zichtbare polarisering vertroebelt het beeld misschien, maar de waarheid is dat ook die dichotomie stilaan niet meer relevant is. De Belgische samenleving was tot het einde van de vorige eeuw heel erg ingedeeld in wij en zij: werkgever en werknemer, katholiek en vrijzinnig, autochtone Belg en migrant. Die eenduidigheid is er niet meer. En weet je wat? Dat marcheert. Eerder dit jaar bleek uit de Stadsmonitor dat Antwerpen meer inwoners met een migratieachtergrond dan autochtonen telt en dat is geen issue meer. Dat wordt door het gros van de mensen niet meer, en al zeker niet problematisch, gepercipieerd als een wij/zij-kwestie. We zijn allemaal wijtjes geworden. Het is daar, in die middengroep, dat je aan veerkracht kunt werken. Het is daar dat je meerwaarde kunt creëren, en dan niet enkel in de puur economische zin, maar ook ecologisch en maatschappelijk. Wist je trouwens dat geen enkele regio in Europa zoveel vrijwilligers telt als Vlaanderen? Liefst één miljoen.’

IMG_2707Klinkt mooi, dat ‘iedereen is nodig’ en ‘allemaal samen’, maar hoe krijgen we het soort medeburger dat pakweg dweept met Sharia4Belgium of Schild en Vrienden mee?

’Moet dat? Moet je daar je energie in steken? We moeten ons niet laten gijzelen door de uitersten. Met de middengroep kun je aan de slag, voorbij de polarisering. Weet je, na elke Zwarte Zondag of andere grote gebeurtenis ga ik in Sint-Niklaas altijd naar hetzelfde café. Vroeger was het publiek er dieprood, nu al vele jaren donkerbruin. Maar ik ben er welkom. Ik heb er al eens uitgelegd dat onze welvaart na de oorlog mee gebouwd is over de rug van de kolonies. Het was niet alleen het Marshallplan, het was ook omdat we de grondstoffen uit Afrika onder de prijs hebben kunnen verkopen op de wereldmarkt. Dat mensen vandaag van ginder naar hier komen, is dus niet zo gek, het is een kwestie van solidariteit. Dat begrijpen redelijke mensen wel hoor, zelfs als ze eerst een half uur hebben gesakkerd op de vluchtelingen. Dat is het hele werk dat diversiteit heet, nogmaals, niet op de bühne maar erachter. Laten we met elkaar praten, elkaar in de ogen kijken en niet met meel in de mond spreken. Geen shaming and blaming, maar contact met kennis, empathie en inzicht. En actie, vooral actie!’

Zouden we baat hebben bij een oefening zoals de Zuid-Afrikaanse waarheidscommissie?

’Helemaal. Als je ergens het racisme tot op het bot voelt, is het wel daar. Er is gemoord en toch is er nadien gepraat. Ubuntu. Ik besta omdat jij bestaat, de bewaker en de gevangene, de vorige, de huidige en de volgende generaties. De wonde open, de etter eruit en dan genezen. Dan kun je verder, moet je samen verder. Ik ontmoette er twintig jaar geleden een bewaker. Toen die hoorde dat ik uit België kwam, kon hij dat amper geloven. Een zwarte in Europa? Dat kon niet, voor zijn generatie was het ondenkbaar dat iemand zoals hij ooit in Europa zou kunnen belanden en daar floreren. “Mijn kinderen misschien wel”, zei hij. “Mijn kleinkinderen zeker.” Dat is evolutie.’

www.integratiepact.be

Filip Rogiers

Copyright © 2019 Mediahuis. Alle rechten voorbehouden

Nieuwkerken krijgt gemeentepark van 32.000 m² groot: aanleg start in najaar.

Nieuwkerken krijgt een volwaardig gemeentepark. Tegen eind dit jaar start de aanleg van het 32.000 m² grote groene gebied, centraal in het dorp. Een investering van zo’n 300.000 euro, waarvoor de Sint-Niklase gemeenteraad vrijdag het licht op groen moet zetten.

Al jaren wordt de aanleg van een gemeentepark in deelgemeente Nieuwkerken voorbereid. Vijf jaar geleden al kocht het Sint-Niklase stadsbestuur heel wat gronden aan. In totaal is er meer dan 32.000 m² ruimte beschikbaar, met twee bestaande bossen. Doorheen het gebied lopen nu al zachte verbindingen, onder meer tussen de wijk Wallenhof, het woon-zorgcentrum Populierenhof en het dorpscentrum via het Berkenhof.

In 2014 organiseerde de stad al een inspraakmoment voor de buurt, de dorpsraad en jeugdbewegingen. “En in de tussentijd kwam het ook al verscheidene keren op de dorpsraad en in de gemeenteraadscommissie. Het plan is nu helemaal klaar. Vrijdag leggen we het bestek voor aan de gemeenteraad om over te gaan tot de aanleg”, schetsen schepen voor Ruimtelijke Planning Wout De Meester (Groen) en schepen voor Openbaar Domein Carl Hanssens (N-VA). “Bedoeling is om in het najaar met de terreinaanleg te starten. De verdere afwerking gebeurt dan in de loop van 2020. Dit wordt alleszins een prachtige groene long voor Nieuwkerken, midden in het centrum.”

‘Schapekoppen’

Het nieuwe gemeentepark zal uit vier delen bestaan: twee boszones met wandelpaden, een speelbos, een bloemenweide en een schapenweide met fruitbomen. “Op vraag van de inwoners behouden we de structuur van de bolle akkers. Daardoor zullen er ook waterpartijen ontstaan, waarover we houten brugjes en een houten vlonder leggen. Een stuk van het park laten we begrazen door schapen, een symbolische verwijzing ook naar de historische bijnaam ‘schapekoppen’ voor de inwoners van Nieuwkerken. Ook heel wat fruitbomen krijgen daar een plaats. In de bloemenweide komen goed toegankelijke wandelpaden, ook voor rolstoelgebruikers. In het speelbos komen dan weer spelconstructies, een speelheuvel met een arena en gazonpaden en in het bestaande bos tot slot gaan we paden in houtschors aanleggen.”

De grondwerken en de inrichting van bruggen, paden en spelconstructies worden uitgevoerd door een aannemer. De groenaanleg in het hele gebied gebeurt door de stadsdiensten. 

HLN, JV

’Na de dehumanisering, is het nu tijd voor rehumanisering’

Het Europees Parlement keurt vandaag de resolutie over The Fundamental Rights of People of African Descent in Europe goed. Eindelijk, zegt Wouter Van Bellingen, ooit Vlaanderens eerste zwarte schepen en nu directeur van de vzw Integratiepact.

In 2007 weigerden drie koppels hun huwelijk te laten voltrekken door een zwarte schepen – dat was u. Twee jaar later was er in Brussel de eerste Black European Summit, nog eens tien jaar later is er deze resolutie. Hoe ervaart u dat?

”Toen me dat als schepen was overkomen, vroegen mensen in mijn omgeving me: wat ga je hiermee doen, op lange termijn? Die vraag ben ik nooit vergeten. Zovele jaren later is die resolutie – mede dankzij het European Network Against Racism – mooi en belangrijk. Het is een ijkmoment, bekrachtigd in een ritueel, en dat hebben we nodig – zoals de zwarte mens vroeger werd herleid tot slaaf en dus object, dat was dehumanisering; wat we nu doen, is rehumanisering.”

”De ondertekening is ook een erkenning, een basis om op voort te bouwen, om ons af te vragen wat we nu gaan doen, hoe we een en ander vorm kunnen geven in wetten, zodat we allemaal samen vooruitkomen. Want daar gaat het om: dat we, in wederzijds vertrouwen, een meerwaarde kunnen creëren én die herverdelen. Let wel, die meerwaarde mag niet louter sociaal-economisch zijn. Die slaat ook op culturele, maatschappelijke en ecologische waarden.”

”Die resolutie kan, anders gezegd, een aanzet zijn voor een nieuw sociaal contract in Europa. Dat is volgens mij nodig. Europa kent de jongste jaren veel veranderingen. Op het vlak van migratie, op het vlak van klimaat. Die veranderingen maken mensen bang. Daar kunnen we iets tegenoverstellen, als we dat goed aanpakken, zonder shaming and blaming: we kunnen de waarden van Europa – solidariteit, samenwerking, vooruitgang – herwaarderen.”

Hoe vertalen we dat naar pakweg ons land?

”Wel, ik doe een oproep tot de koning. Laten we een ubuntu-fonds creëren (de term ‘ubuntu’ komt uit zuidelijk Afrika en betekent zoveel als ‘geloof in een universeel gedeeld verbond dat de gehele mensheid verbindt’, JD). Een fonds, bijvoorbeeld, binnen de Koning Boudewijnstichting, onder de leiding van prins Laurent, waaraan de overheid, Belgische bedrijven én mensen van Afrikaanse afkomst bijdragen. Dat fonds kan worden gebruikt voor projecten in België én Afrika, om onder meer de werkzaamheidsgraad van mensen te verhogen.”

In de tekst van de eerste Black European Summit werd meer dan eens verwezen naar de inspirerende figuur van de toen net verkozen Barack Obama. Hoe inspirerend kan Donald Trump zijn?

”Wel, ik zie dat niet zo somber in. Integendeel. Door de houding van Trump, en dus het wegvallen van die grote broer uit Amerika die zo lang voor ons heeft gezorgd, kan Europa net de uitdaging aangrijpen om meer dan ooit onderling samen te werken.”

Tot slot: u staat al enkele jaren niet meer op de barricaden. Waarom niet?

”Ik werk achter de schermen, aan inclusieve diversiteit, en doe dat graag. De nieuwe generatie staat klaar – en ze zal ons voorbijsteken. Ze is anders geconnecteerd, anders en sneller geïnformeerd, meer en collectiever aanwezig. Onze generatie (Van Bellingen is 46, JD) wacht weldra een dienende rol. Maar dat is niet erg.”

JD, De Morgen

Categorieën:SOS 2012

Ubuntu Sire, de tijd is nu. We zijn er klaar voor.

Aan zijne Majesteit de Koning van België; Filip

 

Sire,

Hoe gaat het met U en de Koningin en uw kinderen? Met ons gaat het goed. De afgelopen jaren hebben we echter kunnen vaststellen dat niet iedereen van Afrikaanse herkomst het in ons land het ook even goed stelt, al hun talenten kan ontwikkelen of hun competenties erkend wordt. Wat we reeds jaren aanvoelden, werd ook in 2018  via een onderzoek van de Koning Boudewijnstichting bevestigd. Personen met herkomst van Congo, Burundi en Rwanda en bij uitbreiding alle personen met Afrikaanse afkomst hebben het niet makkelijk in onze samenleving. Ondanks hun langere scholing, geraken ze moeilijker aan een job. Liggen de armoedecijfers hoger. En onlangs kwam een VN-werkgroep die ons land bezocht tot dezelfde conclusies. 

Daarom schrijven we U deze brief als moeder, vader,  dochter, zoon, als tante, nonkel als zus, , broer, nicht, neef, kleinkind als toekomstige grootouder.

Meermaals hadden we de intentie U deze brief te schrijven. Maar nu is de tijd rijp. In het verleden hebben we ook uit pijn en verbondenheid met de landen van onze herkomst gevraagd om naamborden van Leopold II te verwijderen. Maar wat doe je dan met de lege plaats en de contouren net als littekensaltijd aanwezig zullen blijven.  Sommigen onder ons zijn net als uw voorvader Leopold II nog niet in Congo, Rwanda, Burundi geweest.  Maar stilaan vielen de puzzelstukken in elkaar.  Bij onze zoektocht naar onze veelvoudige identiteit, naar onze plaats in onze samenleving (her)ontdekten we het oude concept Ubuntu. 

 Meer nog de kracht van Ubuntu: Ik ben omdat wij zijn. En in ons geval is dat echt zo. Zonder uw voorvader waren we nooit hier geweest. Hadden we nooit de solidariteit van ons samenleving gekend. Hadden we nooit de kansen gekregen om te staan waar we vandaag staan.

Maar Sire, we kunnen enkel bestaan, als ook onze grootmoeders, grootvaders, moeders, vaders, dochters, zonen, als tantes, nonkels als zussen, broers en kleinkinderen hier, maar ook in Afrika bestaan.

Daarom omdat we in ons land er altijd in geslaagd zijn om mogelijkheden te vinden waar iedereen stap per stap kan bijwinnen. Hebben we het volgende voorstel:

 Het Ubuntu-fonds, een fonds onder beheer van bijvoorbeeld de Koning Boudewijnstichting en onder voorzitterschap van uw broer Monseigneur, Laurent van België, die steeds een warm hart heeft voor Afrika.

Dit fonds enerzijds gefinancierd door de KBS en anderzijds door de instellingen, bedrijven, organisaties, families  die in het verleden, vandaag maar ook in de toekomst nog voordeel hebben in de band met Congo, Rwanda, Burundi en de andere landen in Afrika. Dit fonds zou projecten in België en in Afrika kunnen ondersteunen. Wat zoals jij weet komt de meeste steun voor Afrika nog altijd van de personen met Afrikaanse herkomst die hier leven.  

Dit fonds, kan een volgende stap zijn in onze gezamenlijke geschiedenis. Een stap naar verzoening. Zou het niet fantastisch zijn dat tegen 2030 België deze droom waarmaaktdoor er samen te voor zorgen dat elk talent telt, elke competentie erkend wordt.  Dat zo terug de welvaart van ons land voor iedereen stijgt, en daardoor de nodige middelen vrijkomen voor de klimaatinvesteringen niet enkel hier, maar ook in het Zuiden waardoor migratie overbodig wordt. Dat dit het begin wordt van rehumanisering, waar ons land terug de leiding neemt zoals het deed na wereldoorlog I bij de pacificatie en na WO II bij de totstandkoming van de VN, de Europese Unie. Dit kan leiden tot een hernieuwd sociaal contract via solidariteit en verbondenheid in een harmonieuze samenleving. Waar we sommigen in de samenleving hun levenskwaliteit gegarandeerd zien en anderen zien stijgen. En onder andere door een hogere arbeidsparticipatie de nodige middelen vrijkomen voor de noodzakelijke investeringen in de samenleving in de zorg, mobiliteit …

 

Zou het mooi zijn om zo de Black History-maand te afsluiten, want we moeten echt niet wachten tot het eindrapport van de VN- werkgroep in september.

 

Want Sire, de tijd is nu. We zijn er klaar voor!!!

 

Namens de Ubuntu-generatie.

Wouter Van Bellingen

Frederick Junior Walumona

 

 

Categorieën:SOS 2012

IMG_1858

IMG_1859 1Rondom volgt sedert altijd het leven in uw gemeente of stad. Op 14 oktober 2018 bepalen de gemeenteraadsverkiezingen dat leven in de komende  jaren. We helpen u om goed geïnformeerd in het stemhokje te komen en vragen een jaar lang belangrijke lokale spelers naar hun inzichten.

 

Wat vindt u de belangrijkste verwezenlijkingen van het huidige bestuur?

Door het afwerken van een aantal bestaande projecten en werven heeft het huidige bestuur vooral voor de continuïteit van het vorige beleid gezorgd. Daarnaast is er afgelopen jaren veel energie gestoken in interne stedelijke werking: de samenwerking Stad-OCMW, renovatie van stadsgebouwen… Maar de vraag is ofdat Sint-Niklaas en zijn bevolking dit momenteel echt nodig had.  Zo heeft bv de reorganisatie van de reinigingsdienst te weinig geleid tot een betere dienstverlening voor de mensen op vlak van (grof)vuilophaling en was hiervoor te weinig aandacht voor sociale correcties voor wie het in onze stad het moeilijk heeft.

Wat moeten de prioriteiten zijn van de volgende ploeg?

Ik ben zwaar geraakt en verontwaardigd door het recente fenomeen van ‘werkende’ armen en het groot aantal dagelijkse lege brooddozen van de schoolgaande jeugd in onze stad. Daarnaast ben ik bezorgd dat Sint-Niklaas in vergelijking met gelijkaardige centrumsteden op verschillende domeinen steeds lager scoort. Het was interessant om te weten wat Sint-Niklaas de afgelopen 800 jaar gedaan heeft. Maar ik wil vooral weten waar we binnen 50 jaar willen staan met onze stad.  De volgende ploeg moet daarom werk maken van een Sint-Niklaas waar iedereen een goed inkomen heeft, een succesvolle opleiding kan volgen en een betaalbare woning heeft. Dit met politici die vooral luisteren naar de behoeften van ál zijn inwoners en daarbij Sint-Niklaas en het Waasland een stem geven in Brussel en Antwerpen.

Wat vindt u zo mooi aan uw stad?

Het mooist vind ik de mensen van Sint-Niklaas. In het begin wat afwachtend, maar daarna heel warm en in hun armen sluitend. Nu ik vandaag in Brussel werk, mis ik vooral die. Het is dan ook jammer dat volgens de Vlaamse stadsmonitor de tevredenheid over onze stad, onze deelgemeenten en onze buurten de afgelopen 6 jaar is afgenomen. Het zou goed zijn dat de bevolking terug wat meer tevreden kan zijn en zich gewaardeerd voelt. Als stad moeten we meer dankbaar zijn en meer ondersteuning bieden aan de ondernemers, leerkrachten, artiesten, vrijwilligers…

Categorieën:Pers, Sint-Niklaas, SOS 2012

Tijd om eens een koffietje te gaan drinken.

Beste Nozizwe

Ik moet zeggen dat toen ik uw brief op twitter las. Ik eerst sprakeloos en dan diep ontroerd was. Je weet het niet, maar jouw kandidatuurkaartje voor de Vlaams jeugdraad staat nog steeds op mijn buro. Het was jouw moeder die bij mij langs kwam met de vraag om jou te steunen. Het deed me direct denken aan mijn eigen mama, die voor mijn eerste verkiezingscampagne in regen en wind voor mij flyerde. Ook al zei ik tegen haar dat ze dat niet moest doen. Maar je kent ze, onze moeders. We hebben het niet van vreemden.

Ook al hebben we elkaar nog nooit echt gesproken, sinds die dag voelde ik met jou verbonden. En volg ik jou op de voet. Jouw verkiezing binnen de Vlaamse Jeugdraad. En daarna als voorzitter. Ik was super fier, de eerste zwarte voorzitter van de jeugdraad. Mijn heldin.

Maar het mooiste moest nog komen. Dit jaar werd je als eerste Belgische, ‘Young European of the Year’. Een rolmodel voor jongeren in Europa. Meer dan verdiend! Ik ben overtuigd dat mensen later pas gaan beseffen wat een eer dit voor ons land was.

Weet je Nozizwe? Vandaag is het een feestdag. Bijna 70 jaar geleden nam de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties, de Universele verklaring van de rechten van de mens aan. Het zijn dagen als vandaag dat ik met respect terug kijk op de realisaties van het verleden. Maar het werk is nog niet af. Het werk zal nooit af zijn tot de dag dat iedereen het leven kan leven, zoals m/v/x het wil.

Ik wil je alvast meegeven dat ik je door dik en dun zal steunen. Want het publieke leven dat jij kiest, is niet makkelijk, maar is jouw weg. Een voorbeeld voor mezelf is Mathama Ghandi. Hij heeft zoveel bereikt met zijn geweldloos verzet en zijn kordate vriendelijkheid. Hij zag steeds het goede in de mens. En vooral, hij heeft nooit kwaad met kwaad vergeld.

Tenslotte wil ik je met jou een goeie raad delen, die mijn moeke me meegaf: ‘Maak nooit een compromis met jezelf. Het is een slappe houding. En het is jezelf een beetje beliegen. Sta steeds achter jouw ideeën ook al is dat soms moeilijk. Maar als je dat niet doet, verminder je jezelf en jouw zelfrespect in waarheid en liefde. Soms is dit gemakkelijk en soms heel moeilijk.’

Maar nog belangrijker is dat je weet dat je nooit alleen staat en diegene waar je het voor doet, het weten. Want op een dag krijg je dan een brief van iemand die jou heel erg bewondert.

Maar nu eerst volle gas gaan voor jouw diploma !

Met oprechte groeten,

Wouter Van Bellingen

PS

Het wordt nu echt wel eens tijd dat we eens een koffietje gaan drinken 😉

Categorieën:Integratiepact, Media, Mening, Pers
%d bloggers liken dit: