Archief

Archive for the ‘SOS 2012’ Category

Nieuwkerken krijgt gemeentepark van 32.000 m² groot: aanleg start in najaar.

Nieuwkerken krijgt een volwaardig gemeentepark. Tegen eind dit jaar start de aanleg van het 32.000 m² grote groene gebied, centraal in het dorp. Een investering van zo’n 300.000 euro, waarvoor de Sint-Niklase gemeenteraad vrijdag het licht op groen moet zetten.

Al jaren wordt de aanleg van een gemeentepark in deelgemeente Nieuwkerken voorbereid. Vijf jaar geleden al kocht het Sint-Niklase stadsbestuur heel wat gronden aan. In totaal is er meer dan 32.000 m² ruimte beschikbaar, met twee bestaande bossen. Doorheen het gebied lopen nu al zachte verbindingen, onder meer tussen de wijk Wallenhof, het woon-zorgcentrum Populierenhof en het dorpscentrum via het Berkenhof.

In 2014 organiseerde de stad al een inspraakmoment voor de buurt, de dorpsraad en jeugdbewegingen. “En in de tussentijd kwam het ook al verscheidene keren op de dorpsraad en in de gemeenteraadscommissie. Het plan is nu helemaal klaar. Vrijdag leggen we het bestek voor aan de gemeenteraad om over te gaan tot de aanleg”, schetsen schepen voor Ruimtelijke Planning Wout De Meester (Groen) en schepen voor Openbaar Domein Carl Hanssens (N-VA). “Bedoeling is om in het najaar met de terreinaanleg te starten. De verdere afwerking gebeurt dan in de loop van 2020. Dit wordt alleszins een prachtige groene long voor Nieuwkerken, midden in het centrum.”

‘Schapekoppen’

Het nieuwe gemeentepark zal uit vier delen bestaan: twee boszones met wandelpaden, een speelbos, een bloemenweide en een schapenweide met fruitbomen. “Op vraag van de inwoners behouden we de structuur van de bolle akkers. Daardoor zullen er ook waterpartijen ontstaan, waarover we houten brugjes en een houten vlonder leggen. Een stuk van het park laten we begrazen door schapen, een symbolische verwijzing ook naar de historische bijnaam ‘schapekoppen’ voor de inwoners van Nieuwkerken. Ook heel wat fruitbomen krijgen daar een plaats. In de bloemenweide komen goed toegankelijke wandelpaden, ook voor rolstoelgebruikers. In het speelbos komen dan weer spelconstructies, een speelheuvel met een arena en gazonpaden en in het bestaande bos tot slot gaan we paden in houtschors aanleggen.”

De grondwerken en de inrichting van bruggen, paden en spelconstructies worden uitgevoerd door een aannemer. De groenaanleg in het hele gebied gebeurt door de stadsdiensten. 

HLN, JV

Advertenties

’Na de dehumanisering, is het nu tijd voor rehumanisering’

Het Europees Parlement keurt vandaag de resolutie over The Fundamental Rights of People of African Descent in Europe goed. Eindelijk, zegt Wouter Van Bellingen, ooit Vlaanderens eerste zwarte schepen en nu directeur van de vzw Integratiepact.

In 2007 weigerden drie koppels hun huwelijk te laten voltrekken door een zwarte schepen – dat was u. Twee jaar later was er in Brussel de eerste Black European Summit, nog eens tien jaar later is er deze resolutie. Hoe ervaart u dat?

”Toen me dat als schepen was overkomen, vroegen mensen in mijn omgeving me: wat ga je hiermee doen, op lange termijn? Die vraag ben ik nooit vergeten. Zovele jaren later is die resolutie – mede dankzij het European Network Against Racism – mooi en belangrijk. Het is een ijkmoment, bekrachtigd in een ritueel, en dat hebben we nodig – zoals de zwarte mens vroeger werd herleid tot slaaf en dus object, dat was dehumanisering; wat we nu doen, is rehumanisering.”

”De ondertekening is ook een erkenning, een basis om op voort te bouwen, om ons af te vragen wat we nu gaan doen, hoe we een en ander vorm kunnen geven in wetten, zodat we allemaal samen vooruitkomen. Want daar gaat het om: dat we, in wederzijds vertrouwen, een meerwaarde kunnen creëren én die herverdelen. Let wel, die meerwaarde mag niet louter sociaal-economisch zijn. Die slaat ook op culturele, maatschappelijke en ecologische waarden.”

”Die resolutie kan, anders gezegd, een aanzet zijn voor een nieuw sociaal contract in Europa. Dat is volgens mij nodig. Europa kent de jongste jaren veel veranderingen. Op het vlak van migratie, op het vlak van klimaat. Die veranderingen maken mensen bang. Daar kunnen we iets tegenoverstellen, als we dat goed aanpakken, zonder shaming and blaming: we kunnen de waarden van Europa – solidariteit, samenwerking, vooruitgang – herwaarderen.”

Hoe vertalen we dat naar pakweg ons land?

”Wel, ik doe een oproep tot de koning. Laten we een ubuntu-fonds creëren (de term ‘ubuntu’ komt uit zuidelijk Afrika en betekent zoveel als ‘geloof in een universeel gedeeld verbond dat de gehele mensheid verbindt’, JD). Een fonds, bijvoorbeeld, binnen de Koning Boudewijnstichting, onder de leiding van prins Laurent, waaraan de overheid, Belgische bedrijven én mensen van Afrikaanse afkomst bijdragen. Dat fonds kan worden gebruikt voor projecten in België én Afrika, om onder meer de werkzaamheidsgraad van mensen te verhogen.”

In de tekst van de eerste Black European Summit werd meer dan eens verwezen naar de inspirerende figuur van de toen net verkozen Barack Obama. Hoe inspirerend kan Donald Trump zijn?

”Wel, ik zie dat niet zo somber in. Integendeel. Door de houding van Trump, en dus het wegvallen van die grote broer uit Amerika die zo lang voor ons heeft gezorgd, kan Europa net de uitdaging aangrijpen om meer dan ooit onderling samen te werken.”

Tot slot: u staat al enkele jaren niet meer op de barricaden. Waarom niet?

”Ik werk achter de schermen, aan inclusieve diversiteit, en doe dat graag. De nieuwe generatie staat klaar – en ze zal ons voorbijsteken. Ze is anders geconnecteerd, anders en sneller geïnformeerd, meer en collectiever aanwezig. Onze generatie (Van Bellingen is 46, JD) wacht weldra een dienende rol. Maar dat is niet erg.”

JD, De Morgen

Categorieën:SOS 2012

Ubuntu Sire, de tijd is nu. We zijn er klaar voor.

Aan zijne Majesteit de Koning van België; Filip

 

Sire,

Hoe gaat het met U en de Koningin en uw kinderen? Met ons gaat het goed. De afgelopen jaren hebben we echter kunnen vaststellen dat niet iedereen van Afrikaanse herkomst het in ons land het ook even goed stelt, al hun talenten kan ontwikkelen of hun competenties erkend wordt. Wat we reeds jaren aanvoelden, werd ook in 2018  via een onderzoek van de Koning Boudewijnstichting bevestigd. Personen met herkomst van Congo, Burundi en Rwanda en bij uitbreiding alle personen met Afrikaanse afkomst hebben het niet makkelijk in onze samenleving. Ondanks hun langere scholing, geraken ze moeilijker aan een job. Liggen de armoedecijfers hoger. En onlangs kwam een VN-werkgroep die ons land bezocht tot dezelfde conclusies. 

Daarom schrijven we U deze brief als moeder, vader,  dochter, zoon, als tante, nonkel als zus, , broer, nicht, neef, kleinkind als toekomstige grootouder.

Meermaals hadden we de intentie U deze brief te schrijven. Maar nu is de tijd rijp. In het verleden hebben we ook uit pijn en verbondenheid met de landen van onze herkomst gevraagd om naamborden van Leopold II te verwijderen. Maar wat doe je dan met de lege plaats en de contouren net als littekensaltijd aanwezig zullen blijven.  Sommigen onder ons zijn net als uw voorvader Leopold II nog niet in Congo, Rwanda, Burundi geweest.  Maar stilaan vielen de puzzelstukken in elkaar.  Bij onze zoektocht naar onze veelvoudige identiteit, naar onze plaats in onze samenleving (her)ontdekten we het oude concept Ubuntu. 

 Meer nog de kracht van Ubuntu: Ik ben omdat wij zijn. En in ons geval is dat echt zo. Zonder uw voorvader waren we nooit hier geweest. Hadden we nooit de solidariteit van ons samenleving gekend. Hadden we nooit de kansen gekregen om te staan waar we vandaag staan.

Maar Sire, we kunnen enkel bestaan, als ook onze grootmoeders, grootvaders, moeders, vaders, dochters, zonen, als tantes, nonkels als zussen, broers en kleinkinderen hier, maar ook in Afrika bestaan.

Daarom omdat we in ons land er altijd in geslaagd zijn om mogelijkheden te vinden waar iedereen stap per stap kan bijwinnen. Hebben we het volgende voorstel:

 Het Ubuntu-fonds, een fonds onder beheer van bijvoorbeeld de Koning Boudewijnstichting en onder voorzitterschap van uw broer Monseigneur, Laurent van België, die steeds een warm hart heeft voor Afrika.

Dit fonds enerzijds gefinancierd door de KBS en anderzijds door de instellingen, bedrijven, organisaties, families  die in het verleden, vandaag maar ook in de toekomst nog voordeel hebben in de band met Congo, Rwanda, Burundi en de andere landen in Afrika. Dit fonds zou projecten in België en in Afrika kunnen ondersteunen. Wat zoals jij weet komt de meeste steun voor Afrika nog altijd van de personen met Afrikaanse herkomst die hier leven.  

Dit fonds, kan een volgende stap zijn in onze gezamenlijke geschiedenis. Een stap naar verzoening. Zou het niet fantastisch zijn dat tegen 2030 België deze droom waarmaaktdoor er samen te voor zorgen dat elk talent telt, elke competentie erkend wordt.  Dat zo terug de welvaart van ons land voor iedereen stijgt, en daardoor de nodige middelen vrijkomen voor de klimaatinvesteringen niet enkel hier, maar ook in het Zuiden waardoor migratie overbodig wordt. Dat dit het begin wordt van rehumanisering, waar ons land terug de leiding neemt zoals het deed na wereldoorlog I bij de pacificatie en na WO II bij de totstandkoming van de VN, de Europese Unie. Dit kan leiden tot een hernieuwd sociaal contract via solidariteit en verbondenheid in een harmonieuze samenleving. Waar we sommigen in de samenleving hun levenskwaliteit gegarandeerd zien en anderen zien stijgen. En onder andere door een hogere arbeidsparticipatie de nodige middelen vrijkomen voor de noodzakelijke investeringen in de samenleving in de zorg, mobiliteit …

 

Zou het mooi zijn om zo de Black History-maand te afsluiten, want we moeten echt niet wachten tot het eindrapport van de VN- werkgroep in september.

 

Want Sire, de tijd is nu. We zijn er klaar voor!!!

 

Namens de Ubuntu-generatie.

Wouter Van Bellingen

Frederick Junior Walumona

 

 

Categorieën:SOS 2012

IMG_1858

IMG_1859 1Rondom volgt sedert altijd het leven in uw gemeente of stad. Op 14 oktober 2018 bepalen de gemeenteraadsverkiezingen dat leven in de komende  jaren. We helpen u om goed geïnformeerd in het stemhokje te komen en vragen een jaar lang belangrijke lokale spelers naar hun inzichten.

 

Wat vindt u de belangrijkste verwezenlijkingen van het huidige bestuur?

Door het afwerken van een aantal bestaande projecten en werven heeft het huidige bestuur vooral voor de continuïteit van het vorige beleid gezorgd. Daarnaast is er afgelopen jaren veel energie gestoken in interne stedelijke werking: de samenwerking Stad-OCMW, renovatie van stadsgebouwen… Maar de vraag is ofdat Sint-Niklaas en zijn bevolking dit momenteel echt nodig had.  Zo heeft bv de reorganisatie van de reinigingsdienst te weinig geleid tot een betere dienstverlening voor de mensen op vlak van (grof)vuilophaling en was hiervoor te weinig aandacht voor sociale correcties voor wie het in onze stad het moeilijk heeft.

Wat moeten de prioriteiten zijn van de volgende ploeg?

Ik ben zwaar geraakt en verontwaardigd door het recente fenomeen van ‘werkende’ armen en het groot aantal dagelijkse lege brooddozen van de schoolgaande jeugd in onze stad. Daarnaast ben ik bezorgd dat Sint-Niklaas in vergelijking met gelijkaardige centrumsteden op verschillende domeinen steeds lager scoort. Het was interessant om te weten wat Sint-Niklaas de afgelopen 800 jaar gedaan heeft. Maar ik wil vooral weten waar we binnen 50 jaar willen staan met onze stad.  De volgende ploeg moet daarom werk maken van een Sint-Niklaas waar iedereen een goed inkomen heeft, een succesvolle opleiding kan volgen en een betaalbare woning heeft. Dit met politici die vooral luisteren naar de behoeften van ál zijn inwoners en daarbij Sint-Niklaas en het Waasland een stem geven in Brussel en Antwerpen.

Wat vindt u zo mooi aan uw stad?

Het mooist vind ik de mensen van Sint-Niklaas. In het begin wat afwachtend, maar daarna heel warm en in hun armen sluitend. Nu ik vandaag in Brussel werk, mis ik vooral die. Het is dan ook jammer dat volgens de Vlaamse stadsmonitor de tevredenheid over onze stad, onze deelgemeenten en onze buurten de afgelopen 6 jaar is afgenomen. Het zou goed zijn dat de bevolking terug wat meer tevreden kan zijn en zich gewaardeerd voelt. Als stad moeten we meer dankbaar zijn en meer ondersteuning bieden aan de ondernemers, leerkrachten, artiesten, vrijwilligers…

Categorieën:Pers, Sint-Niklaas, SOS 2012

Wouter Van Bellingen wordt directeur integratiepact.

Deze zomer kondigde Minister Homans en het Minderhedenforum aan dat het Minderhedenforum in opdracht van de Vlaamse Regering het integratiepact ging leiden. Het integratiepact, uit het Vlaamse regeerakkoord, heeft als doel discriminatie te bestrijden en het wederzijds respect te bevorderen. En dit door een inclusieve benadering met een focus op talent, emancipatie en gedeeld burgerschap. Hiervoor wordt een nieuw partnerschap opgericht met het Minderhedenforum en zijn lidorganisaties, de Vlaamse overheid, VVSG, werkgevers, vakbonden, onderwijskoepels, media en in latere fase vertegenwoordigers uit de sectoren wonen, cultuur en welzijn. Het integratiepact gaat vanaf 1 januari 2017 van start en zal lopen tot 31 december 2019. De verantwoordelijke van dit ambitieus project wordt Wouter Van Bellingen, de huidige directeur van het Minderhedenforum. Los van de ethische noodwendigheid is integratie en openheid voor superdiversiteit ook economisch een logische houding. De OESO-rapporten en de aanbevelingen van de Europese Commissie tonen aan dat discriminatie en rigiditeit van de arbeidsmarkt miljoenen euro duurder is dan integratie, omdat je dan een hele bevolkingsgroep op non-actief zet. Terwijl een hogere deelname aan de arbeidsmarkt er zal voor zorgen dat ons welvaartstaat op peil blijft. En diversiteit de hefboom kan zijn voor onze samenleving.

Hüseyin Aydinli, voorzitter Minderhedenforum: “Doordat we onze directeur naar voor schuiven om dit belangrijk maatschappelijk project te trekken, geven we een sterk signaal aan de andere partners dat het ons menens is. Wouter Van Bellingen heeft het juiste profiel, de ervaring en het netwerk om dit huzarenstukje tot een goed einde te brengen. Daarnaast blijft hij uiteraard nog actief in onze organisatie en krijgen we samen met hem, onze huidige adjunct-directeur en de nieuwe directeur een nog sterker management om onze werking verder te professionaliseren.” 

Het integratiepact krijgt nu al de steun van belangrijke maatschappelijke spelers zoals VVSG, de Vlaamse koepel van steden en gemeenten; Voka en Unizo voor de werkgevers; ABVV, ACLVB, ACV voor de vakbonden; GO!, het Katholiek Onderwijs, Provinciaal Onderwijs en het OVSG voor de onderwijskoepels. De bedoeling is dat dit de komende maanden verder wordt uitgebreid.

Hans Maertens, gedelegeerd bestuurder Voka, Vlaams Netwerk voor ondernemingen: “We vinden het belangrijk dat we leven in een samenleving waar iedereen alle kansen kan benutten en kan bijdragen in de samenleving, op de arbeidsmarkt, in de economie en in het dagdagelijkse leven. We leven in gepolariseerde tijden en willen dan ook graag mee onze schouders zetten onder dit integratiepact.”

Wouter Van Bellingen, directeur Minderhedenforum: “Ik weet dat ik een risico neem. Maar de combinatie van beide functies is onmogelijk. Maar vooral is het voor mij een unieke kans om me in te zetten voor de promotie van diversiteit en gelijke kansen op de werkvloer, in de scholen, in heel de samenleving. De uitvoering van het pact ligt dan ook in het verlengde van mijn huidige job en mijn carrière. De komende maanden zal het alle hens aan dek zijn want na de lente moet het pact rond zijn, het partnerschap operationeel en de oproep voor de projecten klaar zijn. Uit de gesprekken met de partners is er alvast veel goesting, maar ook voldoende realiteitszin. Eerst organiseren we met het Minderhedenforum en zijn lidorganisaties nu zaterdag 10 december in DeSingel in Antwerpen de Openforumdag, een event met panelgesprekken, workshops. Daarna wordt er een team samengesteld om uit de startblokken te kunnen schieten.

Categorieën:SOS 2012

Geen pietendebat meer in aanloop van 6 december.

Vandaag roept De Morgen-journalist Bart Eeckhout op voor een tweede Pietenpact. Het Minderhedenforum is bereid dit tweede Pietenpact te onderschrijven om in aanloop van 6 december geen pietendebat te houden.
Eerste Pietenpact was nog niet rijp.

Voor alle duidelijkheid zijn we tevreden over het eerste pietenpact omdat de roetveeg een belangrijke, volgende stap is in een proces van verandering, van maatschappelijke transitie. Maar voor sommige mensen blijft de huidige figuur nog kwetsend omdat o.a. door de pagekledij er nog steeds een verwijzing is naar de slavernij. En het huidige beeld van Zwarte Piet heeft daar zijn inspiratie gehaald. En voor ons moet het pact dus dynamisch zijn en niet statisch. Daarom konden we het eerste Pietenpact nog niet ondertekenen. De commotie van het voorbije weekend bewijst dat het eerste Pietenpact nog niet rijp was. Daarom zijn we bereid om de dialoog aan te gaan met DeBuren initiatiefnemer van het eerste pietenpact en zijn mede-ondertekenaars.
Dialoog blijft noodzakelijk.

Daarom is het belangrijk de dialoog verder aan te gaan. Te blijven praten tot we een compromis vinden waar iedereen zich kan achter stellen. Waar iedereen zich kan in erkennen. Daarom geloof ik echt in die kracht van verandering. Waar eerst sinterklaas een figuur was zonder knecht, dan met een knecht, dan terug zonder knecht en nu met verschillende knechten Ook hier zien we een transitie naar meer gelijkwaardig tussen de positie van Sinterklaas en zijn knechten. Momenteel voorgesteld door een roetpiet en verschillende pieten. 
Slechte timing verziekt het debat.

We betreuren vooral ook de timing van de lancering van het eerste pact omdat deze discussie vandaag ook impact heeft op kinderen. Wat niet zou mogen. Want zo dreigen we één van de mooiste momenten van het jaar het Sinterklaasfeest te bezoedelen met een discussie tussen volwassenen. Sommigen beweren dat zulke maatschappelijke discussies enkel het populisme versterkt. Ik ben hiervan niet overtuigd. Het probleem ligt dat mensen zich te weinig erkend voelen. Net door op respectvolle manier in dialoog te treden voelen mensen zich erkend en gewaardeerd.
Lang leve het Sinterklaasfeest.

Iedereen die me kende als schepen weet dat ik persoonlijk niks heb tegen Sinterklaas. Integendeel als jeugdschepen bevoegd voor Sinterklaas heb ik er voor gezorgd dat Sinterklaas een hoogdag is voor alle kinderen in Sint-Niklaas en het Waasland met een huis van de Sint ,dag van de Sint die gisteren werd georganiseerd . Het klopt dat ik in als ‘sint’schepen een satirisch filmpje opnam over Zwarte Piet. Meer nog als 18-jarige speelde ik zelfs zwarte piet bij de scouts en als kind ontving ik zoals alle kinderen speelgoed. Maar vandaag is ook mijn inzicht geëvolueerd. Zoals journalisten, tv-makers, politici evolueren. Daarom wil ik de Stad Antwerpen en de organisatoren feliciteren met de intrede van de Sint. Dit kan als voorbeeld dienen voor andere gemeenten steden in Vlaanderen én Nederland.

Echte problemen aanpakken.
Uiteraard is de zwarte piet discussie vooral een probleem van beeldvorming en ondergeschikt aan andere grotere, structurele problemen in de samenleving zoals de hoge werkloosheidscijfers bij personen met een migratie-achtergrond, de hoge schooluitval bij jongeren met een migratie-achtergrond, discriminatie op de huur – arbeidsmarkt, gebrek aan een divers lerarenkorps en de gekleurde armoede. Daarom organiseren we met het Minderhedenforum volgende maand op 10 december in de deSingel dan ook onze Open Forumdag waar we in dialoog gaan bespreken hoe we deze uitdagingen samen kunnen aanpakken. En daarom gaan we ook in opdracht van de Vlaamse Regering werken maken van het integratiepact. Zodat alle kinderen kunnen leven in een Vlaanderen waar iedereen gelijkwaardig is en kansen krijgt, maar deze ook kan grijpen.

Daarom zijn wij dan ook bereid om met onmiddellijke ingang het Tweede pietenpact af te sluiten. En engageren we ons om in de aanloop van 6 december geen pietendebat meer te voeren. Zo is en blijft Sinterklaas, een echt kinderfeest. Hierin kan Vlaanderen de weg tonen aan Nederland.

‘Racisme wordt steeds erger’

In 1978 gooide een supporter een banaan naar Beerschot-speler Paul Beloy (59). Bijna 40 jaar later is het racisme op en rond onze voetbalvelden nog steeds pijnlijk aanwezig. Beloy schreef er met Vuile zwarte een boek over. ‘Noem het een wake-upcall.’ 
”Ik kan het onderwerp niet loslaten en ga dat ook nooit meer doen”, zegt hij. ‘Hij’, dat is Paul Beloy, de man van zovele levens. In Kinshasa geboren, maar in België getogen ex-voetballer van onder meer KV Mechelen, Beerschot en Lierse, huidig “vervolgcoach anderstalige nieuwkomers” in een secundaire school in Hoboken en vader van tv-gezicht Tatyana Beloy, Yannick ‘Dj Makasi’ Beloy en Sarah Beloy, trainingmanager bij Lancôme. ”Tijd of geen tijd”, zegt Paul, “ik word al strijdend ouder. Straks krijg ik grijs haar, maar dat mag me niet beletten. Ik wil vechten voor mijn kleinkinderen, opdat zij in een faire maatschappij opgroeien.”

De strijd tegen racisme en discriminatie is de rode draad in het leven van Beloy. Altijd geweest. Altijd gebleven. In 1978 was hij een van de weinige zwarte spelers in het Belgische voetbal. En Paul was goed, Paul was verdomd goed. Tot frustratie van de tegenstrever. Op bezoek bij Antwerp kreeg hij als speler van Beerschot een banaan naar zijn hoofd gegooid. Hij raapte die op, gooide ze buiten de krijtlijnen en speelde gewoon verder.

Nu, bijna veertig jaar later, heeft Beloy een boek geschreven, samen met journalist Frank Van Laeken, begin deze eeuw hoofdredacteur van de VRT-sportredactie. Vuile zwarte heet het, en het kadert de brede problematiek van racisme in de voetbalsport.

”Zo’n boek was noodzakelijk”, vervolgt Beloy. “Want in weerwil van wat mensen denken, wordt het probleem alsmaar erger. Samen met Frank heb ik een jaar lang alles bijgehouden wat over het onderwerp verscheen in de kranten. Eén simpel jaar. Wetende dat er zo veel gebeurt dat de kranten niet haalt, kon ik niet meer aan de zijlijn blijven staan.”
Twee mensen die opdoken in het jaaroverzicht van Beloy, schuiven mee aan tafel. Dat zijn Anthony Mbachu (26), een voetballer met Nigeriaanse roots die ooit bij de beloften van Standard Luik speelde. Nu heeft Anthony een job, is voetbal niet meer zo urgent als vroeger en speelt hij in derde provinciale, bij Kalmthout SK. En ook Cindy Van Sanden. De jonge mama is ex-afgevaardigde van een ploegje 12-jarigen op Linkeroever. Paul, Anthony en Cindy: drie stemmen, die staan voor drie generaties.
Een boek als aanklacht tegen de huidige situatie. Is er de voorbije decennia dan echt niks veranderd?
Paul Beloy: “Toch wel, maar helaas niet in positieve zin. Het voordeel van mijn leeftijd is de opgedane ervaring. Ik heb racisme zien evolueren in dit land; het heeft een metamorfose ondergaan. Toen ik in de jaren 60 in België arriveerde, was ik nog een schattig negerke. Mensen voelden aan mijn haar, wreven over mijn armen en dachten dat onze ouders in de bomen leefden. Ik was een curiosum, de enige zwarte op straat. De term ‘racisme’ was nog niet bekend. Mensen deden uitspraken die nu als 100 procent racistisch worden beschouwd, maar indertijd voor de blanken zo niet aanvoelden. ”Na een tijd was mijn haar niet meer interessant, kwamen er meer zwarte spelers in het Belgische voetbal en werd ik een vuile zwette. Nu, nog eens zoveel jaar later, woekert het probleem onderhuids verder. In plaats van ‘vuile zwarte’ krijg je nu op het werk te horen ‘dat het hier stopt’. Racisme wordt op een haast intellectuele manier bedreven. Daarom is het probleem zeer moeilijk te traceren en moeilijk aan te pakken. ”Dat is in het voetbal niet anders. Wat doe je als een zwarte speler niet toegelaten wordt tot een club? Wat is de reden die de club opgeeft voor die weigering? Of ouders die verhinderen dat hun zoon in een ploeg met zwarten speelt? Begin er maar aan. Als zwarte voel je zulke dingen de hele tijd, maar anderen zien het niet meer.”

Anthony Mbachu: “Dat klopt. En toch is het niet louter onderhuids. Ik krijg op een voetbalveld nog altijd heel wat te verduren, maar na al die jaren heb ik een schild ontwikkeld tegen scheldwoorden. Ik heb het noodgedwongen aanvaard. En dat is eigenlijk de omgekeerde wereld. Het mag niet dat die uitspraken van me afglijden. ”Vorig jaar brak mijn schild alsnog. Toen riep de afgevaardigde van de tegenpartij ‘bananenkop’ naar me. Vroeger kon ik me moeilijk bedwingen bij zulke incidenten en ging ik recht op de man af. De laatste jaren kon ik me gelukkig intomen. Maar toen niet. Ik kon ‘bananenkop’ niet zomaar laten passeren. ”Ach, er is uiteindelijk nog niet veel veranderd. Racisme is minder zichtbaar, maar daarom niet minder nadrukkelijk aanwezig.”

Cindy Van Sanden: “Vorig jaar, toen ik afgevaardigde was van de U13 van City Pirates Linkeroever, liep een vader het veld op en riep tegen een jongetje van onze ploeg: ‘Gij moet uw mond houden, vuile neger!’, waarop trainers en supporters het veld op liepen en de wedstrijd werd afgefloten. Onze eigen spelers gingen onder luid boegeroep naar de kleedkamer. Probeer dat maar eens te kaderen als 12-jarige. Ik heb een brief geschreven na het voorval en die tekst op de Facebookpagina van onze coach geplaatst. Ik moest iéts doen, want 12-jarigen hebben geen stem in dit debat. Er is inderdaad veel onderhuids racisme, maar evengoed zijn er nog altijd zware incidenten, met openlijke scheldpartijen.”
De voetbalfan ziet het probleem niet. In een enquête van FAN, het voetbalmagazine van Het Nieuwsblad, bleek eind vorig jaar dat een op de vier fans oerwoudgeluiden op de tribune niet als racistisch beschouwt.
Beloy: “Dat cijfer is ongelofelijk. We mogen ons enerzijds nog ‘gelukkig’ prijzen dat racisme in het voetbal nog zo onversneden tot uiting komt. Daar is adrenaline in het spel, voelt men minder remmingen, flapt iemand er zomaar ‘bananenkop’ uit en zie je de ware aard van de mens. Helaas. Dergelijke voorvallen geven aan dat we nog een lange weg af te leggen hebben.”

Mbachu: “Het probleem is groter dan veel mensen denken. Als we met Kalmthout spelen tegen een ploeg die alleen maar uit blanken bestaat, dan moet ik focussen om niet op de provocaties in te gaan. Dan weet ik op voorhand dat het geen makkelijke match voor me wordt. In derde provinciale krijg ik echt wekelijks uitspraken à la ‘stomme neger’ te horen, of ‘ga terug naar uw land’. Dus ik schrik niet van dat cijfer.”

Beloy: “Wellicht heeft de huidige vluchtelingencrisis ook een effect op het oplaaiende racisme. Kijk naar de reacties op Facebook na de dood van die 15-jarige jongen uit Genk. Het is niet anders op een voetbalveld.”
Niet alleen een deel van de fans, ook de voetbaltop ziet het probleem niet. Net op het moment dat dit boek verschijnt, zegt de FIFA, de wereldvoetbalorganisatie, dat er geen racisme meer is, dat het probleem is opgelost. De FIFA heeft de werkgroep tegen discriminatie opgedoekt.
Beloy: “Dat is toch niet te geloven? Het toont de wereldvreemdheid van de FIFA en tegelijk ook de schrik voor een wereldmacht als Rusland, waar het volgende wereldkampioenschap plaatsvindt. Dus namen wij pen en papier en schreven dit boek. Noem het een wake-upcall.”
Van Sanden: “Er heerst een soort consensus dat racisme tegenwoordig is teruggedrongen, dat het probleem minder voorkomt, dat het relatief is. Het tegendeel is waar.”
Beloy: “En net dat is het grote probleem: de gelatenheid. Mensen die geen acht meer slaan op uitspraken als ‘vuile neger’, die dat als zonderling beschouwen. Ik link die gelatenheid aan het onderhuidse karakter. We zien het niet meer, dus het bestaat niet meer. Daarom moeten we het probleem echt blijven benoemen.”
’Racisme kun je alleen maar aanpakken door het te begrijpen’, zei Herman de Coninck. Begrijpen jullie waarom mensen zich racistisch uitlaten?
Van Sanden: “Het gaat om angst en onzekerheid. Angst voor het onbekende, onzekerheid over de toekomst.”
Beloy: “Zodra een blanke ploeg op achterstand staat tegen een zwarte ploeg, zoekt men vaak een reden om dat verlies, of dat falen, te verklaren. Dan is het makkelijk om de tegenstander aan te wijzen. Het is de schuld van de zwarten. Op maatschappelijk vlak gedijt racisme in de niet-aflatende strijd voor het behoud van de zogenaamde eigen waarden, eigen zekerheden. Het is in wezen niet anders dan de strijd op een voetbalveld. Dus zonder het goed te keuren, denk ik wel te begrijpen waarom mensen zo scherp reageren.”
Dan is het toch vreemd dat het voetbal de meeste problemen kent, en pakweg basketbal veel minder met racisme wordt geconfronteerd.
Mbachu: “Dat heeft te maken met het fysieke aspect van voetbal, denk ik. Met tackles, charges, spierkracht. Bij basketbal is er ook fysiek contact, maar toch minder dan bij voetbal.”
Beloy: “En die spierkracht is vaak ook de aanleiding. Afrikaanse jongeren zijn van jongs af gespierder dan hun Europese leeftijdsgenoten. Denk maar aan Romelu Lukaku, die stak als jongeling al het hele veld over. Als de pure fysieke duelkracht het verschil maakt in een jeugdwedstrijd, is de kans groter dat er reactie komt van de zijkant. Het begint met het in twijfel trekken van de geboortedatum en het eindigt bij ‘vuile neger’.
”Allicht speelt ook de macht van het getal mee in deze discussie. Er zijn veel meer jongeren die voetballen dan basketballen, dus is het ook logisch dat er meer gevallen voorkomen.”
Van Sanden: “Tot acht jaar geleden woonde ik in Brasschaat, waar ik mij niet echt thuis voelde, en trok met mijn drie kinderen naar Antwerpen. Dat was een verademing. Mijn kinderen worden er veel minder geconfronteerd met racisme. Op de voetbal- en basketbalpleintjes van Linkeroever is de sociale mix anders dan in Brasschaat en doet kleur er niet meer toe. ”Het ultieme voorbeeld is dat van mijn jongste zoon. Die vertelde thuis over zijn beste vriendje uit de kleuterklas. Ik kon op basis van de naam opmaken dat die jongen waarschijnlijk niet blank was. Wat uiteraard geen bal uitmaakte. Ik vroeg aan mijn zoon: ‘Wat is de huidskleur van jouw vriendje?’ Die kon er geen antwoord op geven. Mijn zoon wist helemaal niet wat ik bedoelde. Het woord huidskleur bestond gewoon niet. Dat is de ultieme droom: dat dat woord niet meer van tel is, dat het niet meer bestaat. ”Maar dan ging ik als afgevaardigde van de ploeg van mijn zoon, waarin voornamelijk jongens van Afrikaanse origine spelen, mee op verplaatsing. Ik wist niet wat ik hoorde. Speelt een ploegje uit de stad tegen een blanke ploeg op het platteland, dat merk je het verschil in mentaliteit. ”Maar goed, we moeten het probleem niet extreem uitvergroten. Het incident van vorig jaar – ‘Gij moet uw mond houden, vuile neger!’ – was exceptioneel. Zodra er bij de tegenpartij ook een gekleurde jongen speelt, gaat het er veel rustiger aan toe. Het merendeel van de mensen is niet racistisch. Maar de minderheid weegt wel door.”

Paul, je verwees daarnet al naar de voetbalbond. Zit de bond in een ivoren toren, zonder te weten wat er onder de kerktoren gebeurt?
Beloy: “De Belgische voetbalbond verstopt zich achter het succes van de Rode Duivels. De Belgische nationale ploeg lijkt de perfecte ‘integratieploeg’. De Duivels kennen kleur, het is een mengeling van blank en zwart, met spelers als Lukaku, Witsel en Kompany. Dan is het aannemelijk dat mensen racisme als ‘opgelost’ beschouwen. ”Maar je hoorde Anthony net vertellen over de bananenkop. Je ziet de kloof tussen de top van het voetbal en de werkelijkheid van derde provinciale, en je begrijpt waarom dit boek is geschreven. Het is de gewone man versus een groot, schijnbaar onoplosbaar probleem.”

Mbachu: “Dat bekende antiracismefilmpje van de UEFA, met onder anderen Messi, Ronaldo en Ibrahimovic, hoelang is dat al niet te zien? Veel is er niet veranderd. ”Maar we mogen ook niet alles afschuiven op de voetbalbonden. Je hebt ook een menselijke reactie nodig die niet gestuurd wordt van bovenaf. Na het bananenkopincident met Kalmthout kreeg ik veel steun van mijn coach en medespelers. Na het incident is ons team in de kleedkamer gebleven en de week nadien liepen zowel wij als de toenmalige tegenstrever het veld op in een T-shirt met daarop: ‘Nee tegen racisme’. Je hebt ook gewoon een maatschappelijk antwoord nodig.”

Is er niet meer directe actie nodig van de verschillende overheden? Je kunt eeuwig wachten op een maatschappelijk antwoord.
Beloy: “Het probleem ligt hier al verscholen in de vraag, met die ‘verschillende overheden’. Sport is in België een totaal versnipperde bevoegdheid. ”En los daarvan: als de scheidsrechter een incident niet rapporteert of meldt aan de voetbalbond, gebeurt er helemaal niks. Idem bij oerwoudgeluiden in de tribune. De voetbalbond kan geen supporters straffen, dat moeten de clubs doen. In theorie moet de steward die de geluiden opmerkt een formulier invullen en dat via de club bij de voetbalbond rapporteren. Maar dat gebeurt veel te weinig. Clubs vrezen dat ze op den duur niks anders doen dan formulieren invullen. Hetzelfde bij de jeugd. Daar staan trouwens geen stewards.”

Dus schuilt een deel van de oplossing in het responsabiliseren van de clubbesturen, trainers, afgevaardigden en scheidsrechters.
Beloy: “Dat klopt, maar responsabiliseren en sensibiliseren is een traag proces. Ik pleit vooral voor een meldpunt. Om de administratieve weg in te korten en de versnippering van de bevoegdheid tegen te gaan, kan een speciale commissie een oplossing bieden. Naar analogie met de huidige reviewcommissie van de voetbalbond, die zware overtredingen die tijdens de wedstrijd niet worden gefloten, alsnog kan bestraffen, kan een speciale commissie voor racisme via een meldpunt klachten snel en doeltreffend behandelen. Daaruit kan een financiële boete volgen, een maatschappelijke taak, of wat dan ook. Een meldpunt maakt het voor iedereen makkelijker en toegankelijker.”
Van Sanden: “En niet te vergeten: de ouders. Vaak zijn het de ouders die tijdens jeugdwedstrijden roepen en schelden. Het klinkt pedagogisch wat overtrokken, maar eigenlijk is er nood aan een vormingspakket voor ouders.”
Beloy: “En laat zo’n pakket nu net voorhanden zijn. Hans Van Crombrugge, hoofdlector pedagogiek aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen, heeft een pakket samengesteld dat veel verder reikt dan racisme alleen. Maar de voetbalbond neemt dat pakket voorlopig niet over.”
Hoe leer je de jongeren zelf omgaan met racisme?
Van Sanden: “Door aan het resultaat van een jeugdwedstrijd geen belang te hechten. Daar begint het al mee. Er ontstaat frustratie bij de verliezende partij, die een zondebok zoekt en die gemakkelijk vindt.”

Beloy: “Het is niet logisch dat soms nog het eindresultaat van een jeugdwedstrijd voor 9-jarigen in de krant staat. Daar gaat het niet om, wel om spelplezier. Het lijkt me beter om beide jeugdploegen eerst kennis te laten maken met elkaar. Gewoon een kort gesprekje vooraf. Wie de andere spelers zijn en hoe ze heten. Daarna kun je de twee ploegen met elkaar mixen. Het maakt dat een volledig blanke ploeg plots met zwarten samenspelen. Zoiets verhindert racisme, en laat jongeren ook toe om met elkaar samen te werken. Je kunt die ploegen zelfs vier keer na elkaar mixen. Dan krijg je telkens andere teams die tegen elkaar uitkomen. Vier keer vier tegen vier, of zoiets. Dat moet toch mogelijk zijn?”
Mbachu: “Het eindresultaat mag niet primeren. Waarom ook? Het draait bij jongeren niet per se om beter te zijn dan je tegenstrever. Sommige ouders gaan nu over de rooie als hun zoon dreigt te verliezen. Een resultaatloze match verdringt die frustratie. En bij een goede mix zul je altijd wel een keer bij de betere spelers worden ingedeeld.”
Hoe blijf je er de moed inhouden?
Mbachu: “Ach, wat kun je anders doen? Ik heb ermee leren leven, zonder het goed te keuren. Als je er dagelijks mee geconfronteerd wordt, hetzij op het werk, hetzij op een voetbalveld, zoek je manieren om ermee om te gaan. Manieren om je leven niet te laten vergallen door anderen. Tegelijk moeten we werken aan de toekomst. We mogen ons nooit neerleggen bij de heersende gelatenheid.”
Beloy: “En wat is het alternatief? Misschien is racisme iets wat we als maatschappij moeten uitzweten, erop rekenen dat het ooit wel zal verdwijnen. Maar dat weet ik nog zo niet. En daar kunnen wij, gekleurde Belgen, geen genoegen mee nemen. Het gebeurt iedere dag. ”Zoals gezegd: straks heb ik grijs haar, maar ik laat het probleem niet los. Ik denk aan de kinderen van nu en aan de kinderen van morgen.”

Paul Beloy en Frank Van Laeken, Vuile zwarte – Racisme in het Belgische voetbal, Houtekiet, 19,99 euro. Te koop vanaf 12 oktober.
MATTHIAS DECLERCQ, De Morgen

Categorieën:SOS 2012
%d bloggers liken dit: