Archive

Archive for the ‘Sint-Niklaas’ Category

Beste Moeke,Hoe kan ik je ooit bedanken voor alles wat je voor mij deed en nog steeds elke dag doet voor iedereen die jou dierbaar is. Libelle, pagina 50

Ik kan je bedanken omdat je me steeds door dik en dun steunt. Maar ook dat je me leerde me geen ideeën te laten aanpraten waar ik niet achter sta. Je leerde me dat ik steeds mezelf moet blijven en moet uitvoeren waarover ik praat. Dat het eenvoudig is met iedereen te leren omgaan, zolang je maar in elke persoon de mens ziet. En dat als ik steeds onthoud dat iedereen dezelfde rechten en plichten heeft, niemand me die levenswaarden ooit kan afnemen. Ik kan je bedanken dat je me leerde dat ik veel kon leren door te lezen, te praten met en te luisteren naar elkaar. Dat ik niet mag vergeten dat mensen niets anders dan woorden en gebaren hebben om zich kenbaar te maken.

Je vertelde me dat velen voor mij reeds een moeilijke weg zijn gegaan. Maar dat het geweldloze verzet van Ghandi steeds uw grote voorbeeld in uw leven is. Dat hij zoveel heeft kunnen bereiken met geweldloos verzet, kordate vriendelijkheid en zonder kwaad met kwaad te vergelden. Je leerde me dat ik iedereen moet nemen zoals hij of zij is. Met al hun variaties en vooral door alleen het goede te zien. Dat ik nooit mag vergeten dat iedereen het recht heeft hier op deze aarde te leven en het beste voor zijn gezin te zoeken.

Moeke, ik wil je bedanken dat je me steeds herinnerde aan een tweede moeder die zorgde dat jij mijn moeke kon zijn. Ik probeer in de mensen, net zoals jij, ‘godschepsels’ te zien. En me te laten leiden door mijn lach en mijn verantwoordelijkheidszin. Je leerde me ook dat van mensen houden zoals ze zijn soms pijn doet, maar ook veel geluk geeft. En dat men alleen aan dat idee kan werken door onze eigen houding. Het idee dat jij mij, maar ook je kinderen en kleinkinderen, meegeeft in ons leven. 

Moeke, ik wil je bedanken dat je me waarschuwde dat het leven dat ik kies niet makkelijk is, maar dat er geen andere weg is. Maar ook dat ik nooit een compromis met mezelf mag maken, omdat dat een slappe houding is, een beetje jezelf beliegen. Dat ik steeds achter mijn ideeën moet staan ook al is dat soms moeilijk. Maar als ik dat niet doe ik mezelf en mijn zelfrespect in waarheid en liefde verminder. Soms gemakkelijk en soms heel moeilijk. 

Moeke, daarom wil ik graag ook één van jouw dromen nastreven. Ook al moet je daarvoor even de sociale kruidenier twee dagen in andere handen laten. Moeten jouw dierbaren twee dagen even voor zichzelf zorgen. En zal uw hondje, poes, kanarie… je even moeten missen. Weet je nog toen wanneer ik klein was we samen met paps op citytrip naar Parijs gingen. En toen je later zei dat het jouw droom was om naar Spanje te gaan. Ik vertelde toen dat het beter was om jouw droom niet uit te voeren omdat je dan geen droom meer had. Eigenlijk hadden we het toen financieel te moeilijk omdat paps zwaar ziek was. En daarom ben ik blij dat we nu toch uw droom kunnen waarmaken. Een citytrip naar Spanje. En laten we samen daar op paps zijn verjaardag een terrasje doen. En in de toekomst hiervan een jaarlijkse gewoonte van maken.

Moeke, bedankt voor alles.

Liefs,

Jouw dankbare zoon Wouter.

 

Libelle, p 50

Categorieën:Pers, Sint-Niklaas

“Vrouwen tweede generatie zijn sleutel naar integratie” 

SINT-NIKLAAS – “De sleutel voor een succesvolle integratie ligt bij de tweede generatie en in het bijzonder bij de vrouwen. Onze maatschappij is gebaseerd op het tweeverdienersmodel. We hebben momenteel twee inkomens nodig om gemakkelijk te kunnen leven. Wanneer ook de vrouwen van de tweede generatie een job hebben, dan zien we dat het gezin vertrokken is en de integratie veel gemakkelijker verloopt. In het tegengestelde geval komt de derde generatie in de problemen.” Dat zegt Wouter Van Bellingen, de directeur van het Integratiepact. 
Indien er een onderwerp is dat voor veel maatschappelijke discussie zorgt, dan in het wel migratie en integratie. Migratie is van alle tijden. Zo trokken veel Belgen eerst naar Canada en de Verenigde Staten en daarna naar Congo om er een beter leven op te bouwen. Omgekeerd kwamen veel Italianen, Spanjaarden en Oost-Europa naar hier om on onze mijnen te werken, daarna afgelost door Turken en Marokkanen. Nu is ook migratie geglobaliseerd met naast asielzoekers ook economische migratie en arbeidsmigratie binnen de Europese Unie. 

Tijd nodig

Wanneer grote groepen mensen naar hier komen, dan zorgt dat in een eerste fase voor integratieproblemen. Men moet met elkaar leren samenleven. Dat heeft zijn tijd nodig.

In welke mate dit waar is, blijkt uit de integratie van Zuid- en Oost-Europeanen in onze samenleving. De eerste generatie kwam naar hier om te werken, de tweede generatie trouwde binnen de eigen gemeenschap, de derde generatie trouwde buiten de eigen gemeenschap, de vierde generatie vormt samen met alle andere inwoners de nieuwe Vlaming.

Waarom wil dat dan zo moeilijk lukken met Turken en in mindere mate met Marokkanen? Wouter Van Bellingen, directeur van het Integratiepact, verrast met zijn antwoord.

Sterke vrouwen

Wouter Van Bellingen: “De sleutel ligt bij de tweede generatie en in het bijzonder bij de vrouwen. Onze maatschappij is gebaseerd op het tweeverdienersmodel. We hebben twee inkomens nodig om gemakkelijk te kunnen leven. Dat impliceert een goede opleiding om gemakkelijker een job te vinden. Wanneer ook de vrouwen van de tweede generatie een job hebben, dan zien we dat het gezin vertrokken is en de integratie veer gemakkelijker verloopt. In het tegengestelde geval komt de derde generatie in de problemen en dreigt zelfs armoede.”

Daarmee raakt Wouter Van Bellingen een gevoelig punt aan, ons onderwijs.

Wouter Van Bellingen: “We kunnen niet omheen de vaststelling dat in verhouding veel kinderen met migratie-achtergrond in het technisch en beroepsonderwijs zitten. Ze worden te vaak naar die richtingen geadviseerd, niet op basis van hun talenten maar op basis van hun herkomst. We zouden bij wijze van spreken opnieuw geestelijken moeten hebben die jongeren met talent onder de arm nemen en er voor zorgen dat ze goede studies doen. Zoals Itinera terecht opmerkt zorgt ons onderwijs eerder voor segregatie dan voor sociale mobiliteit.”

Wanneer het om onderwijs gaat, is er nog een ander probleem.

Wouter Van Bellingen: “Veel nieuwkomers hebben in hun thuisland een diploma gehaald. Maar die worden hier niet automatisch erkend. Dat gebeurt enkel na een individuele benadering. Waarom geen gelijkaardige institutionele aanpak ? Het gevolg is ingenieurs in kringloopwinkels en wiskundigen als poetshulp. Dat is een verspilling aan talent waar onze maatschappij nochtans grote nood aan heeft.”

Mystery calls

En goed diploma is in principe een opstap naar een goede job. Althans voor de Vlamingen, minder voor mensen met migratie-achtergrond. De cijfers zijn ronduit slecht. De werkzaamheidsgraad – te verstaan als mensen tussen 20 en 65 jaar die werken – onder de Vlamingen is 73,5 procent. Bij de niet-Belgen is dat nog maar 58,6 procent en bij de niet-Europeanen is dat slechts 44,4 procent (53 procent bij de mannen en 34 procent bij de vrouwen).

Men kan dus wel degelijk spreken van discriminatie op de arbeidsmarkt, want ook bij de hoogopgeleiden is er een enorm verschil. 87,6 procent van de hoogopgeleid Vlamingen heeft werk, bij de hoogopgeleiden van allochtone oorsprong is dat nog maar 69,3 procent. Mystery calls kunnen misschien helpen om het probleem op te lossen.

Wouter Van Bellingen: “Mystery calls kunnen helpen maar zijn op zich zijn niet de enige oplossing. Het moet gaan om een geheel van maatregelen. De overheid moet het voorbeeld geven en meer mensen van niet-Belgische origine aanwerven. Daarna kan ze gemakkelijker de werkgevers en vakbonden op haar verantwoordelijkheden aanspreken. En gezamenlijk controleren. Trouwens, discriminatie is op zich een strafbaar feit. We hebben allerlei inspectiediensten. Waarom geen discriminatie-inspectie. En wanneer er discriminatie is, moet men dat sanctioneren. Maar over het algemeen ben ik meer voor belonen dan voor straffen.”

Integratieparadox

Wouter Van Bellingen: “De hoge werkloosheid onder de mensen van allochtone oorsprong kost ons land jaarlijks tussen de 2 en 3 miljard euro. Dat is veel meer geld dan we kwijt zouden zijn aan een goede integratie. Hier moeten we absoluut iets aan doen. De babyboom van de jaren vijftig en zestig is nu onze opaboom. We hebben iedereen nodig om onze welvaartsstaat overeind te houden. Slagen we daar niet in, dan zullen we samen armer worden. We hebben de keuze.”

Mogelijke verklaringen voor de te lage tewerkstellingsgraad bij allochtonen zoals een gebrekkige kennis van het Nederlands of niet altijd de juiste werkattitude veegt hij van de tafel.

Wouter Van Bellingen: “Men heeft het vaak over concentratiescholen waar kinderen van vreemde origine te weinig Nederlands onder elkaar zouden spreken. Ik vind dat geen probleem. Talloze studies hebben aangetoond dat taalgevoeligheid in feite determinerend is. En wat betreft die werkattitude, ook dit is niet juist. Wat we vaststellen, is dat we stuiten op de integratieparadox. Onze arbeidsmarkt is heel rigide. Netwerking in de zin van ons kent ons is heel belangrijk om een job te vinden. Wanneer men telkens een neen krijgt, valt men terug op de eigen gemeenschap, op het eigen netwerk. Het is mee een verklaring waarom bijvoorbeeld de Turkse gemeenschap een relatief gesloten gemeenschap is met eigen scholen, organisaties, winkels, bedrijven en zelfs een eigen werkgeversorganisatie. Waarmee ik niet wil gezegd hebben dat het een homogene gemeenschap is. Integendeel, ook hier vindt men jong en oud, hoog en laag opgeleid, gelovig en niet gelovig. En vooral ook een sterke middenklasse die vooruit wil in de samenleving .”

Hoofddoek

Het laatste brengt ons uiteraard bij de vraag in welke mate religie een rol speelt in het integratieproces. En of de hoofddoek als religieus symbool dat integratieproces niet extra bemoeilijkt heeft.

Wouter Van Bellingen: “Religie speelt een belangrijke rol in elke samenleving. We hebben te lang te weinig aandacht gehad voor godsdienst in het algemeen en de godsdienst van de nieuwkomers. We hebben veel geïnvesteerd in veiligheid. We hadden er beter aan gedaan van sneller hun godsdienst te erkennen en financieel te ondersteunen. Dan hadden we veel problemen kunnen voorkomen. Want wie betaalt heeft inspraak. De hoofddoek is een symbool geworden. Men zegt dat er meer hoofddoeken zijn. Nominaal is dat ongetwijfeld zo, gewoon omdat er veel meer moslims hier wonen. Maar in verhouding denk ik dat het er nu minder zijn. Het hoofddoekendebat, misbruikt door verschillende politieke partijen, heeft ons achteruitgezet. Het is niet fijn, maar we moeten schuld bekennen. In het rapport van Paula D’Hondt bracht de problemen mooi in kaart en gaf perfect aan wat we moesten doen om de integratieproblemen aan te pakken. Dat doen we nu ook, helaas met 30 jaar vertraging.”

Integratiepact

Wouter Van Bellingen spreekt tegen dat Vlamingen meer zouden discrimineren dan bijvoorbeeld Walen, Duitsers of Nederlanders. Wel kenmerkend voor Vlaanderen is dat het heel gemeenschapsvormend denkt.

Wouter Van Bellingen: “Vlaanderen is een welvaartsstaat, een verzorgingsstaat en een rechtsstaat. We toetsen dit aan de rechten van de mens. Dat is ons model. Maar migratie heeft onze gesloten, verzuilde gemeenschap doorbroken. We moeten nieuwkomers inpassen om te komen tot een samenleving in diversiteit. De aanslagen hebben dat proces versneld. Er is duidelijk een gevoel dat het nu moet gebeuren. De vele discussies in de kranten en via de sociale media bewijzen dat. Als is het wel jammer dat ze soms op een erg polariserende toon worden gevoerd.”

Een Integratiepact moet voor een extra versnelling zorgen.

Wouter Van Bellingen: “We zijn het land van de pacten. Denk maar aan het sociaal pact, het schoolpact, het cultuurpact. Zoals professor Luc Huyse terecht opmerkt, zijn er twee voorwaarden opdat een pact kan lukken: ethische noodwendigheid en economische noodwendigheid. Die twee voorwaarden zijn aanwezig. Dus.”

Een pact kan met zien als een contract waarin afspraken worden gemaakt waar iedereen zich vervolgens aan houdt om het samenleven en samenwerken te vergemakkelijken.

Wouter Van Bellingen: “Of we dat nu graag hebben of niet, migratie is een feit. Er zullen nog meer migratiegolven volgen en vanaf 2040 hebben we hier zelfs een nieuwe immigratiegolf nodig om onze welvaartsstaat overeind te houden. We zijn veroordeeld tot diversiteit. Dat leidt ons tot de vraag hoe we migratie het best kunnen managen. Het enig mogelijke antwoord is dat we consensus gericht werken en waarbij overheid, administratie en middenveld – de driehoek die het altijd al gedaan heeft – opnieuw het voortouw neemt.”

Uiteraard is hierbij ook een taak weggelegd voor Wouter Van Bellingen zelf. Daarom is hij nu directeur Integratiepact.

Wouter Van Bellingen: “Het Integratiepact is een proces. Mijn taak is het om samen met mijn team dit proces bottom up te begeleide waardoor nieuwe groepen een plaats krijgen in onze samenleving. Maar ook ‘oude Vlamingen’ zich comfortabel voelen om uiteindelijk te komen tot gemeenschappelijke doelstellingen en waarden. We moeten samen tot het besef komen dat we misschien wel verschillende takken zijn, maar wel allemaal op dezelfde stam zitten. Mijn kracht is om van iets negatiefs iets positief te maken. Hiervan was het massahuwelijk dit jaar 10 jaar geleden een mooi voorbeeld van.”

Eric Donckier, HBVL

Geen pietendebat meer in aanloop van 6 december.

Vandaag roept De Morgen-journalist Bart Eeckhout op voor een tweede Pietenpact. Het Minderhedenforum is bereid dit tweede Pietenpact te onderschrijven om in aanloop van 6 december geen pietendebat te houden.
Eerste Pietenpact was nog niet rijp.

Voor alle duidelijkheid zijn we tevreden over het eerste pietenpact omdat de roetveeg een belangrijke, volgende stap is in een proces van verandering, van maatschappelijke transitie. Maar voor sommige mensen blijft de huidige figuur nog kwetsend omdat o.a. door de pagekledij er nog steeds een verwijzing is naar de slavernij. En het huidige beeld van Zwarte Piet heeft daar zijn inspiratie gehaald. En voor ons moet het pact dus dynamisch zijn en niet statisch. Daarom konden we het eerste Pietenpact nog niet ondertekenen. De commotie van het voorbije weekend bewijst dat het eerste Pietenpact nog niet rijp was. Daarom zijn we bereid om de dialoog aan te gaan met DeBuren initiatiefnemer van het eerste pietenpact en zijn mede-ondertekenaars.
Dialoog blijft noodzakelijk.

Daarom is het belangrijk de dialoog verder aan te gaan. Te blijven praten tot we een compromis vinden waar iedereen zich kan achter stellen. Waar iedereen zich kan in erkennen. Daarom geloof ik echt in die kracht van verandering. Waar eerst sinterklaas een figuur was zonder knecht, dan met een knecht, dan terug zonder knecht en nu met verschillende knechten Ook hier zien we een transitie naar meer gelijkwaardig tussen de positie van Sinterklaas en zijn knechten. Momenteel voorgesteld door een roetpiet en verschillende pieten. 
Slechte timing verziekt het debat.

We betreuren vooral ook de timing van de lancering van het eerste pact omdat deze discussie vandaag ook impact heeft op kinderen. Wat niet zou mogen. Want zo dreigen we één van de mooiste momenten van het jaar het Sinterklaasfeest te bezoedelen met een discussie tussen volwassenen. Sommigen beweren dat zulke maatschappelijke discussies enkel het populisme versterkt. Ik ben hiervan niet overtuigd. Het probleem ligt dat mensen zich te weinig erkend voelen. Net door op respectvolle manier in dialoog te treden voelen mensen zich erkend en gewaardeerd.
Lang leve het Sinterklaasfeest.

Iedereen die me kende als schepen weet dat ik persoonlijk niks heb tegen Sinterklaas. Integendeel als jeugdschepen bevoegd voor Sinterklaas heb ik er voor gezorgd dat Sinterklaas een hoogdag is voor alle kinderen in Sint-Niklaas en het Waasland met een huis van de Sint ,dag van de Sint die gisteren werd georganiseerd . Het klopt dat ik in als ‘sint’schepen een satirisch filmpje opnam over Zwarte Piet. Meer nog als 18-jarige speelde ik zelfs zwarte piet bij de scouts en als kind ontving ik zoals alle kinderen speelgoed. Maar vandaag is ook mijn inzicht geëvolueerd. Zoals journalisten, tv-makers, politici evolueren. Daarom wil ik de Stad Antwerpen en de organisatoren feliciteren met de intrede van de Sint. Dit kan als voorbeeld dienen voor andere gemeenten steden in Vlaanderen én Nederland.

Echte problemen aanpakken.
Uiteraard is de zwarte piet discussie vooral een probleem van beeldvorming en ondergeschikt aan andere grotere, structurele problemen in de samenleving zoals de hoge werkloosheidscijfers bij personen met een migratie-achtergrond, de hoge schooluitval bij jongeren met een migratie-achtergrond, discriminatie op de huur – arbeidsmarkt, gebrek aan een divers lerarenkorps en de gekleurde armoede. Daarom organiseren we met het Minderhedenforum volgende maand op 10 december in de deSingel dan ook onze Open Forumdag waar we in dialoog gaan bespreken hoe we deze uitdagingen samen kunnen aanpakken. En daarom gaan we ook in opdracht van de Vlaamse Regering werken maken van het integratiepact. Zodat alle kinderen kunnen leven in een Vlaanderen waar iedereen gelijkwaardig is en kansen krijgt, maar deze ook kan grijpen.

Daarom zijn wij dan ook bereid om met onmiddellijke ingang het Tweede pietenpact af te sluiten. En engageren we ons om in de aanloop van 6 december geen pietendebat meer te voeren. Zo is en blijft Sinterklaas, een echt kinderfeest. Hierin kan Vlaanderen de weg tonen aan Nederland.

We hebben niet alleen bommenwerpers maar ook mensenrechten nodig.



Het GROOT Onderhoud | Een grondig gesprek over leven en werk
 

”Een stomp in mijn maag”, zegt Wouter Van Bellingen (44). “Zo’n aanslag, nu weer in Nice, is elke keer opnieuw een stomp in mijn maag. Het maakt mij woest en verdrietig. Maar als de eerste hevige emoties bedaren, begin ik na te denken: hoe raken wij uit deze vicieuze cirkel? Want dat is het momenteel: na zo’n aanslag droppen wij nog meer bommen op Syrië en Irak, daarna plegen zij nog meer aanslagen, vervolgens droppen wij nog meer bommen – dat houdt niet op.” 

 Van Bellingen werd nu bijna tien jaar geleden wereldberoemd toen drie racistische koppels in Sint-Niklaas weigerden om zich door hem te laten trouwen. Het protest was enorm. Uit solidariteit met de eerste zwarte schepen van burgelijke stand in Vlaanderen, lieten honderden trouwers zich op 21 maart 2007 door hem tijdens een massahuwelijk in de echt verbinden. “Er was meer pers dan op het huwelijk van Filip en Mathilde”, lacht Van Bellingen. “Ik ben toen geïnterviewd door CNN, BBC, Al Jazeera – het heeft dagen geduurd voor de impact tot mij was doorgedrongen. Maar wie die drie koppels waren, dat ben ik nooit te weten gekomen.” 

Twee jaar geleden stapte Van Bellingen uit de politiek om directeur te worden van het Minderhedenforum, dat meer dan 1.800 zelforganisaties van etnisch-culturele minderheden in ons land overkoepelt. Ook in die hoedanigheid laat hij geregeld van zich horen. Zo was hij onlangs in een opiniestuk in deze krant vlijmscherp voor Vlaams minister Liesbeth Homans (N-VA), die onder meer verantwoordelijk is voor Inburgering en Gelijke kansen. “Mevrouw Homans had in een opiniestuk nog maar eens herhaald dat iedereen gelijke kansen krijgt, en dat je die maar moet grijpen”, zegt hij. “Zo maakt ze van discriminatie een individueel verhaal. Terwijl het een collectieve verantwoordelijkheid is.” 


Van Bellingen herinnerde de minister aan het Vlaamse regeerakkoord, waarin de vrome belofte staat geformuleerd dat deze regering werk zal maken van een integratiepact. En zie: afgelopen woensdag was het zover. In een gezamenlijk persbericht lieten Homans en Van Bellingen weten dat het Minderhedenforum de komende drie jaar zal instaan voor de uitvoering van dat integratiepact. 

Minister Homans werd niet alleen door u stevig aangepakt. De oppositie noemde haar ‘minister van Stilstand’, en haar ietwat beschonken optreden tijdens de Nacht van de Vlaamse televisiesterren lokte nog meer kritiek uit. 

”Dat vond ik niet kies. Ik probeer altijd de bal te spelen, nooit de vrouw. Ik heb kritiek geuit op haar beleid, niet op haar persoon. Dat anderen daar dan hun karretje aan hebben gehangen, om de minister persoonlijk te raken, is voor hun rekening.” 

Is Homans naar u toe gekomen met dit plan? 

”Haar kabinet heeft ons de vraag gesteld of wij hieraan wilden meewerken.”


Wat verandert er nu concreet? 

”Het belangrijkste is dat de Vlaamse overheid erkent dat racisme en discriminatie een probleem zijn. En dat ze wil zoeken naar een collectieve oplossing. Wij willen met het Minderhedenforum bruggenbouwers zijn, door de komende jaren samen te werken met onder meer werkgevers en onderwijskoepels. Dat is een historisch signaal. Dit gaat over mensenrechten. Wie geen job of geen woning vindt op basis van zijn afkomst of huidskleur, krijgt te weinig kansen. Dat is onaanvaardbaar.”


Homans zegt nochtans al jaren dat racisme relatief is. 

”Dat klopt. Het regeerakkoord staat haaks op wat ik soms hoor in de media. En dat is raar. Maar ik baseer mij op dat akkoord en op de beleidsbrieven. En ik verwacht nu dat de Vlaamse regering dat beleid zal uitvoeren. Dat betekent trouwens ook dat minister van Werk Philippe Muyters zijn doelgroepenbeleid zal moeten herzien.”


Wat moet Muyters precies herzien? 

”Vandaag worden mensen met een migratieachtergrond niet beschouwd als een aparte doelgroep wat betreft tewerkstelling. Er kunnen geen specifieke maatregelen voor hen worden genomen. Terwijl ieder onderzoek aantoont dat de achterstelling bij die groep het grootst is. Dat zeg ik niet, dat zegt de Europese Commissie. In een recent rapport staat dat het potentieel van mensen met een migratieachtergrond chronisch onderbenut wordt. Maar de VDAB kan dus niets doen, omdat onze achterban geen doelgroep is.”


Had het Minderhedenforum dan niet beter gezegd: laat die samenwerking maar zitten, voer gewoon een goed doelgroepenbeleid? 

”We doen het allebei. We willen het integratiepact helpen realiseren, en we blijven bij minister Muyters aandringen op meer actie. Maar de geesten zijn aan het rijpen. Mystery calls waren tot voor kort niet mogelijk, voortaan behoren ze tot de erkenningsvoorwaarden voor bedrijven die met dienstencheques willen werken. Een jaar geleden vond men zulke mystery calls, waarmee je anoniem kunt controleren of bedrijven al dan niet meewerken aan discriminatie, nog een heksenjacht. Vandaag worden ze ingevoerd.”


En de praktijktesten, komen die er ooit? 

”Mystery calls zijn ook praktijktesten. Maar op verdere acties wachten we nog. Kris Peeters, federaal minister van Werk, heeft beloofd om er werk van te maken. De discussie is volop bezig binnen de Nationale Arbeidsraad. Wij wachten.”

Heeft men u nu niet monddood gemaakt? U krijgt van Homans anderhalf miljoen euro voor de komende drie jaar, maakt nu deel uit van het systeem, en zult moeten uitkijken met kritiek. 

”Zo werkt dat bij mij niet. Het Minderhedenforum zit al vijftien jaar in het systeem. Wij werken sowieso met subsidies. Maar ik laat mij niet monddood maken. Dit is voor ons een hefboom, wij zullen meer dan ooit van ons laten horen. En dat de strijd tegen discriminatie wordt gesubsidieerd, lijkt mij ook logisch. U moet rekenen: de afgelopen dertig jaar is er een voortdurende discriminatiecampagne gevoerd met belastinggeld.”

Hoezo? 

”De campagnes van het Vlaams Blok en Vlaams Belang werden en worden betaald door de overheid. Alle folders zijn gedrukt met ons belastinggeld. Wat het Minderhedenforum vandaag krijgt, is maar een fractie van het bedrag dat die partij al heeft gekregen.”

Homans is ook minister van Wonen. Om een sociale woning te kunnen huren, moet je voortaan bewijzen dat je wat Nederlands spreekt. Wat vindt u daarvan? 

”Ik zet daar grote vraagtekens bij. Er bestaat zoiets als een grondrecht op huisvesting, en dat kun je niemand ontzeggen. De vorige Vlaamse regering legde al een bediscussieerbare inspanningsverbintenis op aan mensen die een sociale woning willen: ze moesten aantonen dat ze hun best doen om Nederlands te leren. Nu wordt dat dus een resultaatsverbintenis. Ik vraag me af of dat wel grondwettelijk is.”


Bent u niet bang dat u ook met dat integratiepact nergens zult raken? De N-VA staat niet bekend als een bondgenoot van minderheden. 

”Als je een kans krijgt, moet je ze grijpen. Ik wil hier voluit voor gaan. Als je van tevoren bang bent, doe je niets meer. Het grote probleem van vandaag is ook de grootste kans. Als we de helft van mensen met een migratieachtergrond aan het werk kunnen zetten, betekent dat 2 procent economische groei. Niets doen is geen optie. 50 procent van onze achterban leeft onder de armoedegrens. Bij de Afrikaanse gemeenschap is dat zelfs meer. Dat zijn dezelfde cijfers als in de Gazastrook. Leg zelf de link maar.”


Hoe bedoelt u? 

”Wat gebeurt er in de Gazastrook? Wat doen jongeren daar, als ze zien dat ze geen toekomst hebben? Waarom blaast iemand zichzelf op?”


Omdat zijn geest vergiftigd is met rare religieuze ideeën? 

”Dat speelt ook mee, het is een combinatie van factoren. Maar radicalisering begint toch vaak bij schooluitval, bij uitsluiting. Ik kan mij voorstellen dat de aanslagen van 22 maart ook de Vlaamse regering nog eens goed hebben doen nadenken. Ik heb twee jaar geleden, bij mijn aantreden als directeur van het Minderhedenforum, al gezegd dat het beleid van de voorbije dertig jaar tot radicalisering heeft geleid.”


Ziet u een verband tussen de aanslagen vandaag en dat mislukte beleid van de voorbije dertig jaar? 

”Dat is een moeilijke vraag. Er is een verschil tussen aanleiding en oorzaak. De directe aanleiding voor deze aanslagen is de neergang van het kalifaat van IS. Maar de diepere oorzaak heeft ook te maken met uitsluiting, met een gebrek aan integratie. In elk geval mogen wij nooit toegeven op onze fundamentele grondrechten. We hebben niet alleen bommenwerpers nodig, maar ook mensenrechten. We mogen niet in de val van de terroristen trappen, en moeten vandaag meer dan ooit streven naar een inclusieve samenleving.”


Is de islam volgens u een probleem? 

”Kijk naar de voorbije ramadan: overal ter wereld zijn aanslagen gepleegd, ook en vooral in moslimlanden zelf. Dit is geen strijd tussen moslims en niet-moslims, dit is een strijd van terroristen tegen de rest.”


Waar ziet u een oplossing? 

”Ik las onlangs een studie over het verschil tussen het Palestijnse en het Noord-Ierse model. In het conflict tussen Israël en de Palestijnen raken we niet uit de wederzijdse escalatie. In Noord-Ierland is men erin geslaagd om de situatie te pacificeren.”


In Noord-Ierland werd onderhandeld. Met IS gaan we dat toch niet doen? 

”Het gaat niet alleen over onderhandelen, het gaat over de manier waarop je hier als samenleving mee omgaat. We mogen ons nooit laten leiden door de gruwel, we mogen de rechtsstaat niet ondermijnen, we moeten meer dan ooit zorgen dat iedereen gelijke kansen krijgt en zich kan thuisvoelen. Ik hoop trouwens ook dat we hier niet meemaken wat vandaag in Amerika gebeurt.”

Kunnen de spanningen tussen politie en mensen met een migratieachtergrond hier ook ooit uit de hand lopen, zoals in de Verenigde Staten? 

”Als we niet uitkijken wel. Wat is de voorbije decennia in de VS gebeurd? De community policing werd afgebouwd ten voordele van de interventies. Dat is hier ook volop aan het gebeuren: minder wijkwerking, meer interventie. Met als gevolg dat mensen elkaar niet meer kennen, en dat simpele conflicten kunnen escaleren. Ik hou mijn hart soms vast.”


Wat kunnen we doen? 

”Opnieuw wijkagenten de straat op sturen, in plaats van alleen interventieteams in patrouillewagens te laten rondrijden. ”Dan oogst je op den duur wat je zaait. Alleen law and order volstaat niet, dat bewijst de situatie in de Verenigde Staten. Dat wil zeggen dat een opkuisplan voor Molenbeek niet zal volstaan. We hebben ook een opbouwplan nodig. Het is misschien een rare vergelijking, maar na de invasie van Irak in 2003 was er ook geen opbouwplan. De Amerikanen zijn er als cowboys binnengevallen, zonder een visie op de toekomst. Daar moeten we uit leren.”


Is er ooit een echt integratiebeleid geweest in ons land? 

”Nee. Er was een soort tolerantie, meer niet. Ik spreek trouwens liever over samenleven dan over integratie. Er zijn veel mensen die met integratie eigenlijk assimilatie bedoelen. En dat moet niet het doel zijn. We moeten leren samenleven. Dat is tot dusver nog niet voldoende gelukt. Wat men ook moge beweren over de zogenaamde linkse kerk die daar altijd voor heeft geijverd. Die linkse kerk bestaat niet. Er staat hier en daar een links kapelletje, dat is alles.”


Heeft links gefaald? 

”De hele samenleving heeft gefaald. Maar links is niet moedig geweest. Links was misschien wel flinks, zoals Louis Tobback in de jaren negentig, maar ze hebben te weinig een eigen verhaal gehad dat mensen kon aanspreken. Ze hebben te veel het Vlaams Blok achterna gehold. Niet alleen de sp.a, ook de andere partijen. Ze hebben diversiteit niet goed uitgelegd, net zoals ze de Europese Unie niet goed hebben uitgelegd. Allemaal uit angst voor de kiezer. Met alle gevolgen van dien. De brexit is daar ook een gevolg van.”


Wat Liesbeth Homans nu doet, met u samenwerken en beloven om discriminatie echt aan te pakken, zou een linkse minister niet gedurfd hebben. 

”Dat is politieke logica. Politici moeten soms beleid voeren om ook het centrum mee te hebben. Zo komt progressieve wetgeving vaak tot stand onder rechts beleid en omgekeerd. Dat is raar, maar er bestaan veel voorbeelden van.”


’Nixon goes to China’: heet dat fenomeen zo niet? 

”Inderdaad. Rechts kan zich soms permitteren wat links niet kan. In de jaren zeventig kon de Republikeinse president Richard Nixon op bezoek in China. Kennedy zou daar nooit mee zijn weggekomen. (denkt na) Ik denk eerlijk gezegd ook wel dat mensen weten dat links gefaald heeft. De sp.a heeft jarenlang de Vlaamse minister van Werk geleverd. Toch heeft die partij nooit mystery calls ingevoerd. Terwijl uitgerekend die partij dat wel had moeten doen. Mensen hebben dat wel in de gaten: ze weten het als een partij haar eigen principes niet naleeft. Vandaag wordt een eerste voorzichtige stap wél gezet.”


Tot u directeur werd van het Minderhedenforum, zat u in de gemeenteraad met uw eigen partij SOS 2012. 

”Ja, sp.a en Groen wilden niet meer met ons, oud-Spiritisten, in kartel naar de verkiezingen. Met als gevolg wat ik had voorspeld: vandaag is de N-VA aan de macht in Sint-Niklaas.”


U had bij sommige sp.a’ers de reputatie vooral een showman te zijn. Ze namen het u bijvoorbeeld kwalijk dat u ooit liever meedeed aan Sterren op de dansvloer dan dat u naar de gemeenteraad kwam. 

”Ach, ik denk dat ik vooral te populair was. Ik heb altijd ruim 13.000 voorkeursstemmen behaald. Niet ik, maar zij waren arrogant. Als ze met mij in kartel waren gegaan, hadden we nog altijd de meerderheid gehad.”

In 2009 lag u al eens overhoop met de sp.a, toen Daniël Termont als lijsttrekker over u heen was gesprongen, en u een hertelling vroeg. 

”Ooit komt de waarheid daarover wel aan het licht. Ik stond als onafhankelijke kandidaat op de lijst. Om middernacht was ik verkozen en kon ik niet meer worden ingehaald. ‘s Morgens bleek ineens dat Termont toch meer stemmen had dan ik. Toen ik belde om een hertelling te vragen, ging dat nog. Twee uur later lukte het niet meer.”


Wat suggereert u daarmee? 

(grijnst) “Niets. Maar is het ooit niet gebeurd dat men in Gent een hoop kiesbrieven in de vuilnisbak heeft gevonden? Ik ben er gerust op dat iemand ooit zal vertellen wat er toen precies is gebeurd.”


Uw politieke roem hebt u te danken aan een racistisch incident. 

”Dat is zo, ja. Een enorme paradox, daar ben ik mij van bewust. Ik word daar nog elke dag op aangesproken, op dat massahuwelijk op de Grote Markt van Sint-Niklaas. Maar weet u wat mij verbaast? Onlangs was het precies tien jaar geleden dat Hans Van Themsche in Antwerpen zijn racistische moorden pleegde. Daar was weinig rond te doen. Ik heb niet het gevoel dat Vlaanderen ten volle heeft herdacht wat toen is gebeurd.”


Hoe hebt u dat toen beleefd? 

”Ik las het ‘s morgens pas in de krant, en begon meteen te wenen. Kunt u zich voorstellen wat het is om op basis van je huidskleur te worden vermoord? Mijn moeder ging in die tijd nog vaak met mijn kinderen naar Antwerpen. Sindsdien bijna nooit meer. De impact van die moorden op mensen met een migratieachtergrond wordt echt zwaar onderschat. Dat die tiende verjaardag zo rimpelloos is voorbijgegaan, is jammer.”

U nam dat jaar voor het eerst deel aan de gemeenteraadsverkiezingen en werd meteen schepen. Schrok u, toen mensen niet door u getrouwd wilden worden? 

”Helemaal niet. Ik had verwacht dat zoiets zou gebeuren.”

Waren het geen Turken of Marokkanen die weigerden? Dat gerucht is op een bepaald moment heel sterk geweest. 

”Voor zover ik weet niet, nee. Dat gerucht was verspreid door Vlaams Belang. En dan nog, wat als het wel zo was? Maakt dat enig verschil? Racisme is racisme. Ik vind de naïviteit van sommige mensen nogal raar. Blijkbaar kunnen velen niet vatten hoe reëel racisme is, wat het betekent. Racisme is nog veel rauwer dan u zich kunt voorstellen.”

Maakt u dat zelf nog mee? 

”Wat vraagt u nu? Racisme is een dagelijkse realiteit, en het zit in duizend kleine dingen. Mensen die weggaan als je naast hen gaat zitten op de tram. Dames die hun handtas een beetje beter vasthouden als ik passeer. Veiligheidsagenten die je niet vertrouwen als je ergens naar binnen gaat. Nu goed, ik wil daar niet over klagen, want ik zit in een positie dat ik daarboven kan staan. Maar wie niet bekend is en geen woning vindt, of geen job, die heeft daar wel grote problemen mee.”


U bent getrouwd met een blanke vrouw. Heeft dat problemen opgeleverd? Werd u daar weleens op aangesproken? 

”Natuurlijk. Wij zijn al 25 jaar samen. Ik kan niet in haar plaats spreken, maar ik kan u wel zeggen dat wij lang hebben getwijfeld of het wel een goed idee was om kinderen te hebben. Of het wel verantwoord was om kinderen groot te brengen in een samenleving waar Vlaams Belang op een bepaald moment een kwart van de stemmen haalde. Maar we hebben toch voor kinderen gekozen, omdat we geloven in een betere wereld.”


Uw politieke wortels liggen in de Vlaamse beweging, klopt dat? 

(knikt) “Nelly Maes, vroeger een van de kopstukken van de Volksunie, was mijn politieke moeder. Ik stond in 2006 voor het eerst op een lijst, en ben schepen geworden omdat binnen Spirit was afgesproken dat de kandidaat met de meeste stemmen dat zou worden. En ik had acht stemmen meer dan Nelly. Dat was een beetje raar, maar afspraak was afspraak: Nelly heeft dat zonder aarzeling volledig gesteund.”


Uw adoptiefamilie stamt ook uit de Vlaamse beweging. 

”Mijn grootoom was Amedee Verbruggen, een van de frontsoldaten die tijdens de Eerste Wereldoorlog een brief hebben geschreven aan koning Albert I, om te klagen over de rechten van de Vlamingen aan het front. Bij mij is het politieke engagement ontwaakt toen de Vlaamse beweging zijn overlijden na 25 jaar herdacht. Ik stond naast een Vlaams Belanger en begreep niet hoe iemand lid kon zijn van zo’n partij en toch de erfenis van de Vlaamse beweging kon verdedigen. Wij zijn voor een open en tolerante samenleving, voor vrede en vrijheid. Niet voor onverdraagzaamheid en racisme.”


Leven uw adoptieouders nog? 

”Mijn vader is gestorven in 2005. Mijn moeder is alive and kicking. Ze is 78 en staat nog iedere dag in de bazaar van de plaatselijke vluchtelingenorganisatie, waar vluchtelingen en mensen uit de vierde wereld eten en kledij kunnen komen halen. Zij runt die winkel. Ik ben soms kwaad op haar, want zelfs als ze ziek is, werkt ze nog.”


Zaten uw ouders in de politiek? 
”Nee. Mijn vader was wel actief in de Vlaamse beweging, maar heeft nooit een politiek mandaat gehad.” 



Zaten er collaborateurs in de familie? 

”Van moederskant niet. Van vaderskant wel. Tja, in welke Vlaamse familie zaten geen collaborateurs? Mijn vader is als tiener een maand met zijn vader opgesloten, tijdens de repressie na de Tweede Wereldoorlog. Maar ik moet zeggen dat hij daar weinig over praatte. Typisch Vlaams, zeker?”

Uw broer was bij het Vlaams Nationaal Jeugdverbond, de extreemrechtse jeugdbeweging waar ook historicus Bruno De Wever, broer van Bart, lid van was. 

”Inderdaad. En dat werd niet door iedereen geapprecieerd. Omdat hij ook gekleurd is. Dat heeft tot een tijdelijke splitsing van het VNJ geleid. Mijn vader werd regelmatig aangesproken op het feit dat hij gekleurde kinderen had geadopteerd. Dat konden de mannen van Voorpost en het Vlaams Blok niet verdragen. Ik ben zelf altijd bij de scouts geweest.”


In Knack hebt u ooit gezegd dat Vlamingen meer van dieren houden dan van migranten. Denkt u dat nog steeds? 

”Ik heb toen iemand geciteerd die dat vond. Kleine nuance, dus. Al moet ik toegeven dat de reacties die ik toen kreeg, die stelling wel bevestigden. ‘Van mijn hond krijg ik tenminste nog vriendschap, van die vreemdelingen niet’ – dat soort reacties las je toen. Ik vind trouwens dat media beter moeten uitkijken met het verspreiden van bagger.”


Doen media dat? 

”Op Facebook laten ze de reacties soms helemaal de vrije loop, ook De Morgen. Dat kan niet, vind ik. Je kunt niet gewoon berichten posten en dan de sluitspier gewoon laten openstaan. Media moeten zulke reacties beter modereren. Haatmisdrijven zijn strafbaar, hoor. Daar is geen excuus voor.”


Is het racisme in Vlaanderen erger dan elders? 

”Dat denk ik niet. Ik weet bijvoorbeeld niet of het probleem in Vlaanderen echt zoveel groter is dan bijvoorbeeld in Wallonië. Daar is discriminatie in sommige gevallen, bijvoorbeeld wat betreft huisvesting en hoofddoekenverbod, nog erger dan bij ons. En daar mag er niet eens over gepraat worden, omdat Franstalige politici denken dat zoiets bij hen niet mogelijk is. Zelfs praktijktesten zijn er taboe. Dan staat Vlaanderen toch al een stapje verder.”


Zou het? 

”Op bepaalde vlakken bengelen wij achteraan: de kloof in het onderwijs is bijna nergens groter dan bij ons. Maar we hebben ook een mooie traditie: het middenveld staat sterk. Een organisatie zoals het Minderhedenforum kent men in Wallonië niet. De Vlamingen hebben zichzelf via dat middenveld ontvoogd. Daarom vond ik het zo vreemd dat N-VA-voorzitter Bart De Wever zo uithaalde naar de Berbers. Die hebben veel gemeen met de Vlamingen van vroeger: zij mogen in Marokko ook hun eigen taal niet spreken.”


Wat vond u ervan toen minister-president Geert Bourgeois vorige week zei dat Vlamingen spuwen op de Waalse stakingsdrift? 

”Ik zal mensen nooit pakken op één uitspraak. Het was niet verstandig van Bourgeois om dat te zeggen, maar ik weet dat hij niet zo is. De minister-president heeft het integratiepact in het regeerakkoord gezet. Hij is de vader van de inburgering. Ik heb ook Sven Gatz aangesproken in zijn functie als minister toen hij een foto van zichzelf als Zwarte Piet verspreidde. Dat was niet verstandig, maar ik weet dat Sven geen racist is.”


Maar u bent wel tegen de klassieke Zwarte Piet. 

”Zeker. Ik voelde al lang aan dat die traditie moest veranderen. In 2007, nog voor het debat in Nederland losbarstte, heb ik dat voor het eerst gezegd. En iedereen lachte mij vierkant uit. Maar ik ben heel tevreden dat Bart Peeters en Hugo Matthysen een aangepaste versie van Zwarte Piet hebben bedacht voor de VRT.”

Sinds kort ligt de Efteling onder vuur, onder meer omdat er een attractie staat met zogenaamde koppensnellers. Wat vindt u daarvan? 

”Ik begrijp dat mensen zich aan zulke attracties storen. Dat wijst erop dat wij nog niet klaar zijn met ons koloniale verleden. Dat ik in 2006 de eerste zwarte schepen was, zegt toch genoeg? Hoe lang is Congo al onafhankelijk? Bijna zestig jaar. België had al lang zwarte burgemeesters en ministers moeten hebben. Maar zwarte mensen mochten bijna nooit naar hier komen, behalve bij de Wereldtentoonstelling in 1958, om in hutjes te komen zitten.”


U hebt ooit de Leopold II-laan in Sint-Niklaas van naam willen veranderen. 

”Bij wijze van statement. Omdat ik vond dat wijlen Maurits Coppieters als belangrijk voorman van de Vlaamse beweging zo’n straatnaam meer verdiende. Maar het is wel zo dat het rassensysteem een Belgische uitvinding was, geen Duitse. Het zijn Leopold II en de Belgen geweest die de Rwandezen hebben ingedeeld in Hutu’s en Tutsi’s. In het buitenland is Leopold II een massamoordenaar. Hier zijn straten naar hem vernoemd.”


Wat weet u eigenlijk over uw eigen Afrikaanse roots? 

”Niet veel. Ik weet dat mijn natuurlijke moeder Rwandese was en dat ze bevallen is in Antwerpen. Ze heeft mij meteen na de bevalling afgestaan, misschien omdat ze niet als alleenstaande moeder terug naar het katholieke Rwanda durfde. Of omdat ze niet voor mij kon zorgen. Ik ken haar naam, maar meer weet ik niet. Ik heb wel een band met Afrika, ik ben er ook al een paar keer geweest, maar in Rwanda nog nooit.”

Omdat het te moeilijk is? 

”Ja. Ik heb Hotel Rwanda, de film over de genocide van 1994, ook nog altijd niet kunnen bekijken. Ik moet toegeven dat ik daar nog niet klaar voor ben. Rwanda heeft de voorbije decennia overigens drie genocides gekend: in 1972, in 1988 en in 1994. En waarom is alleen die laatste bekend geworden? Omdat er Belgen bij betrokken waren.”

En omdat de dodentol zo groot was, niet? 

”Misschien was de dodentol in 1972 en 1988 nog groter, wie zal het zeggen? Nu goed, ik zal pas iets met Rwanda doen als ik er klaar voor ben.”


Weet u of uw moeder nog leeft? 

”Nee.”


Houdt u er rekening mee dat ze is omgekomen tijdens de genocide? 

”Ja. Mijn adoptiemoeder vindt dat ik haar misschien eens moet gaan opzoeken. Misschien komt dat moment ooit nog wel.”


Wat houdt u tegen? 

”Ik vertrek niet als ik niet weet wat ik daar precies wil doen. Stel dat ik het dorp vind waar ze vandaan komt. Wat doe ik dan?”


Uw moeder zoeken. 

”En dan?”


Haar ontmoeten. 

”En dan?” 


Dan wordt het moeilijk. 

”Juist. Geef ik haar dan een knuffel en vlieg ik terug naar België? Kan ik dat: gewoon bye bye zeggen na zo’n confrontatie met de realiteit daar? Dat wil ik niet. Ik ga niet even de toerist uithangen om dan mijn mama te moeten achterlaten. Al kan ik mij voorstellen dat ook zij zich afvraagt hoe het met haar zoon gaat. (stil) Toen dat massahuwelijk werd uitgezonden, waren er ook Afrikaanse zenders. Soms denk ik weleens dat mijn mama die beelden gezien heeft. Dan heeft ze mij gezien, zonder te weten dat ik haar zoon ben.” 

JOËL DE CEULAER, De Morgen

16/07/2016

”Zwarte Piet hoeft niet volledig te verdwijnen”

Piet is altijd een beetje zwart omdat hij door de schoorsteen binnenkomt. En nu het verfpotje, waarmee hij zichzelf nog wat bijkleurt, verdwenen is, is hij iets lichter dan vroeger. Zo simpel beantwoordt scenarist Hugo Matthysen de Zwarte Pieten-discussie in de nieuwe Sinterklaasfilm ‘Ay Ramon!’. Is de kwestie nu opgelost? Het lijkt er in ieder geval op.

Hoe simpel die oplossing ook lijkt, regisseur Stijn Coninx zucht toch eens als we hem de kwestie voorleggen. “Twee jaar geleden is de discussie begonnen in Nederland, en sindsdien voelden we aan dat ook wij een antwoord zouden moeten hebben. Ik zal niet zeggen dat we ons moesten rechtvaardigen, maar er werd toch iets verwacht. Het heeft uiteindelijk véél energie, overleg en discussie gekost voor we via een gigantische omweg opnieuw uitkwamen bij ons vertrekpunt: Piet is zwart van het roet, meer niet. Maar ondertussen had Hugo alles uit de kast gehaald: nieuwe personages bedacht, verschillende scenario’s geschreven. Er was zelfs een versie waar Zwarte Piet nauwelijks nog aan te pas kwam. Na drie maanden, en de eerste lezing met de acteurs, zijn we dan toch teruggekeerd naar het uitgangspunt.”

Link met slavernij.

”Uiteindelijk”, zo beseft de regisseur, “kun je ook niet met drie man een traditie veranderen; daar zou je bijna een volksraadpleging over moeten houden. En dat is het terrein van de politiek. Maar je kunt ook niet tegen mensen die zich terecht gekwetst voelen, zeggen dat zij dan maar idioten zijn. Er valt wel degelijk iets voor te zeggen dat er een probleem is met de klassieke weergave van Zwarte Piet. En dus moet je die pijnpunten, die verwijzingen naar beelden van slavernij, aanpakken. Het is alleen zaak om dat te doen zonder het cultureel erfgoed op de schop te nemen.”

Stap in de goede richting.

Case closed, dus? Wouter Van Bellingen, directeur van het Minderhedenforum, is alvast een tevreden man. “Dit is zeker en vast een stap in de goede richting. Er is rekening gehouden met gevoelens van mensen. Dat vind ik maatschappelijk belangrijk, en dan niet alleen voor zwarten. Als mensen gekwetst worden, moet je daar volwassen mee omgaan. Het is belangrijk dat je als samenleving dat empathisch vermogen hebt, en zeker van kunstenaars mag je dat verwachten. Het verwondert mij dan ook niet dat ze tot deze goede oplossing konden komen. Het bewijs is geleverd: we kunnen wel degelijk evolueren naar een samenleving die diverser wordt en rekening houdt met ieders gevoeligheid.”

Beeld in evolutie.

”Ik vind het dan ook jammer dat in mijn eigen stad, Sint-Niklaas, het Sinterklaasgenootschap het toch nodig vindt om bij een klassiek pietenbeeld te blijven zweren. En in Nederland is er zelfs een nieuwe Sinterklaasfilm die uitpakt met zogenaamde echte pieten. Dat is polariseren om te polariseren, en dat hebben we niet nodig. Sowieso is het beeld van Zwarte Piet al jaren in evolutie, en dat zal nog verder moeten gaan. Uiteindelijk zal ook het beeld van door de schoorsteen komen betekenisloos worden voor kinderen, zodat andere randfiguren wel op de voorgrond zullen treden. Piet hoeft voor mij niet volledig te verdwijnen, maar ik vind het toch belangrijk dat alle verwijzingen naar slavernij zoals krullen of oorbellen nu eindelijk weg zijn. Niet slecht, toch, dat Vlaanderen dit volwassen heeft weten op te lossen? Chapeau! En laat ons nu eindelijk werk maken van belangrijkere zaken dan dit: tewerkstelling en onderwijs. Want dat zijn de echte uitdagingen.”

De Zondag, Matthieu Van Steenkiste.

“Diversiteit is de uitdaging van de toekomst” interview in deMens.nu .

Als nieuwe directeur van het Minderhedenforum werkt hij in de Vooruitgangstraat. Dat treft, want Wouter Van Bellingen kijkt de toekomst positief tegemoet. Hij verliet de Sint-Niklase politiek om in het middenveld verder te bouwen aan een wereld waarin iedereen meetelt en mensenrechten geen loos begrip zijn. “De samenleving tolereert discriminatie niet meer.”

Atheïst tot in de kist

Je bent protestants opgevoed. Je gelooft dus in een god? Ik geloof wel in iets, maar net zoals zoveel mensen ben ik er niet uit wat dat ‘iets’ precies is. Ik laat het open. Ik zie het protestantisme dus als basis, maar niet als eindpunt. Het gaat bij mij meer over waarden, zoals respect voor elkaar en mensenrechten. Die waarden vind ik trouwens ook terug in de vrijzinnigheid, in het boeddhisme en in andere godsdiensten. Ik wil niet halsstarrig aan iets vasthouden, ik ga altijd op zoek naar het gemeenschappelijke.

 

Wat vind je van het hele debat rond religieuze symbolen in openbare functies?

Ik mis een gebrek aan empathie. Want uiteindelijk heeft het ook te maken met het zoeken naar identiteit. De eerste generatie vrouwen met migratieachtergrond ging niet werken en was dus minder zichtbaar. De tweede en de derde generatie vrouwen willen wel participeren in de samenleving, maar doordat ze die participatie moeten vragen of eisen, krijgen we een conflictmodel. Nochtans is integratie geen conflictverhaal, het gaat om mensen die aansluiting zoeken bij onze samenleving. Dus moeten we in dialoog treden met elkaar. Er is heel veel dat ons bindt. Maar wij focussen ons te veel op wat ons scheidt. Het hoofddoekendebat is trouwens een rare discussie, want er wordt uitgegaan van neutraliteit. Maar neutraliteit bestaat niet, enkel objectiviteit. De gedachte dat een ambtenaar met een hoofddoek, tulband, kruisje of keppeltje niet onpartijdig kan zijn is niet meer dan een vooroordeel. Het getuigt ook van een enorm wantrouwen in hun professionaliteit. Dit maatschappijgevoelig thema wordt in Vlaanderen gemonopoliseerd door een aantal vooraanstaande moraalfilosofen. Hun eenzijdige benadering heeft geleid tot een wantrouwen tegenover religie en levensbeschouwing in het openbaar ambt. Misschien moeten we in Vlaanderen de beleving van religie en filosofische overtuigingen ook eens bekijken vanuit het oogpunt van de rechten van minderheden? Zo legt dit debat volgens de Nederlandse rechtsfilosoof en jurist Wibren van der Burg een tragische spanning in ons democratiebegrip bloot. Namelijk de spanning tussen de wil van de meerderheid en de rechten van de minderheid.

 Dirk Verhofstadt noemt atheïsme de basis van de moraal, en godsdienst een agressief makende drug. Het is de economie die het slechtste in de mens naar boven haalt, maar dat wordt overgoten met een sausje godsdienst of het wordt in godsdienst verpakt. Op zich is religie iets heel respectvols, maar het is de mens die bepaalt wat ermee gedaan wordt.  

 Durven denken

Je bent een dwarsligger. Waarom ga je graag tegen de stroom in?

Een spoor wordt gelegd op dwarsliggers. Iemand zei me ooit: “Een vogel kan enkel vliegen door tegenwind. Hoe meer tegenwind, hoe hoger hij vliegt”. Toen ik groepsleider bij scouting werd, was de groep op sterven na dood. Nu twintig jaar later, is het de grootste jeugdbeweging van Sint-Niklaas. We hebben onze groep aangepast aan de samenleving: we hebben bepaalde takken gemengd gemaakt en externen aangetrokken die onze manier van werken in vraag stelden. Door die interne reflectie is de groep blijven groeien. Kritisch denken loont. 

 
Wat roept je verontwaardiging op?

Een rechtsstaat die niet functioneert. Neem nu het verhaal van Landen. De burgemeester wil woonwagenbewoners wegjagen met luide muziek van een dj. Voor mij was dat fundamenteel onrechtvaardig: een burgemeester die aangesteld wordt om de openbare orde te handhaven, lapt wetsregels aan zijn laars. En de overheid zwijgt en keurt dus goed. De dj in kwestie wordt een cultfiguur en mag vervolgens op een festival gaan draaien. Ik kan niet uitleggen aan mijn zoon van dertien jaar dat je vandaag een gratis ticket voor Tomorrowland krijgt als je kinderen wegpest. We leven in een rechtsstaat, waarbij procedures werden ontwikkeld om mensenrechten te beschermen. Worden deze niet nageleefd, dan komen we in barbarij terecht. Ik betaal heel graag belastingen, maar de staat moet wel functioneren. Anders klop ik op tafel. 

 
Je bent een doorbijter. 

Af en toe moet je doorbijten om resultaten te boeken. Als je A zegt, moet je ook B doen. Het rendeert als je consequent je principes aanhoudt. Mijn uitspraken zijn doordacht en onderbouwd. Ik werk rationeel, met cijfers, en zo vorm ik mijn visies. Daarom heb ik ook veel problemen met de waan van de dag. Er is de oorzaak, de aanleiding en het gevolg. Door dat langetermijndenken lijken mijn uitspraken op het moment zelf niet altijd even evident, maar – dat klinkt misschien pretentieus – achteraf zeggen mensen vaak: “ge had gelijk”. Gelijk hebben is één, gelijk krijgen is twee. Gelijk hebben is makkelijk. Gelijk krijgen is de realiteit die je inhaalt.  

 
Vrijheid als hoogste goed

Hoe ver gaat voor jou de vrijheid van meningsuiting? 

Ik neem niet snel een blad voor de mond, maar ik vind dat je steeds respectvol moet blijven en niet mag kwetsen. Op de bal spelen dus, en niet op de man. Ik kan perfect met iemand op de politieke en zelfs publieke bühne discussiëren en op menselijk vlak voor hem in de bres springen. Zoals sportlui: op het veld harde competitie en nadien in de kantine samen een pint drinken. Soms keert die harde aanval op het veld zich toch tegen mij, en krijg ik persoonlijke aanvallen. 

 
Hoe ziet jouw ideale wereld eruit?

Een wereld waarin mensen beoordeeld worden op hun capaciteiten en niet op hoe ze eruitzien. Een wereld waarin talenten en gelijke kansen op de eerste plaats komen en mensen niet in een keurslijf gestoken worden. Ieder heeft een talent waarmee hij of zij kan bijdragen aan een betere samenleving. Maar dan moeten we discriminatie uitbannen. En ik heb het dan niet alleen over mensen met een andere huidskleur, maar ook over alleenstaande vrouwen, die niet kunnen gaan werken omdat de kinderopvang te duur is. Of over mensen met een beperking. 

 
Eén voor allen, allen voor één. Zal discriminatie ooit verdwijnen?

Discriminatie is des mensen net zoals diefstal, maar als samenleving moeten we het signaal blijven geven dat dit onaanvaardbaar is en nooit gedoogd kan worden. Dat is mogelijk. In de vorige eeuw emancipeerden eerst de arbeiders, mannelijke arbeiders weliswaar, en dit onder druk van het communisme. Nadien kwam ook de erkenning van gelijke rechten voor vrouwen, die strijd is nog niet gestreden. En nu wordt het tijd om ook de andere kansengroepen, dat zijn mensen met een migratie-achtergrond, maar evengoed mensen met een beperking of holebi’s, ten volle te laten participeren in de samenleving. Het feit dat er een Minderhedenforum bestaat, betekent dat de samenleving discriminatie niet meer tolereert. Vlaams minister-president Geert Bourgeois zei in zijn speech voor werkgeversorganisatie VOKA dat discriminatie verwerpelijk is en dat werkgevers meer ‘vreemdelingen’ moeten aantrekken. Dat woordje ‘vreemdeling’ behoort tot zijn taalgebruik, dus het is niet geschreven door een speechschrijver: het komt uit het diepst van zijn ziel. Dan krijg ik kippenvel en dan reik ik hem de hand. De economische realiteit dwingt ons bovendien tot een andere houding. We hebben iedereen nodig op de arbeidsmarkt, dus ook diegenen die tot nu toe minder actief waren.

 

Je werkt niet voor niets in de Vooruitgangstraat?

Inderdaad! Ik geloof echt dat we leven in een tijdperk van verandering, net zoals in de late middeleeuwen. Dat was een fascinerende periode. Mensen kwamen toen ook uit een periode van chaos, ze vroegen om orde, om zingeving. In de late middeleeuwen zijn dan een aantal waarden gecreëerd, die uiteindelijk naar het humanisme hebben geleid. Zonder de middeleeuwen hadden we nooit een verlichting gekend! Vandaag staan we, mede door de crisis, opnieuw op zo’n punt en moeten we ons afvragen waar we als maatschappij naartoe willen. We evolueren reeds naar een ander model, waar de digitale revolutie en de globalisering ervoor zorgen dat afstanden niet meer bestaan. De economie komt terug naar de eigen stad, met minder CO2-uitstoot en meer tewerkstellingsmogelijkheden. Deeleconomie, 3D-printers en de Ubers van deze wereld zwaaien al de plak. Een aantal jobs zal een radicale koerswijziging ondergaan, denk maar aan advocaten, die via computers aan kansberekening kunnen doen en zo de resultaten van hun rechtspraken kunnen bepalen. De vraag is nu: hoe gaan we deze ingrijpende veranderingen als samenleving inkapselen? Kiezen we een model dat op waarden gestoeld is of dat door winst gedreven wordt?

 

Voor welke waarden strijd jij?

Voor mensenrechten. Voor vrijheid en verantwoordelijkheid. Op die waarden is de Belgische en de Vlaamse samenleving geschraagd. Het evenwicht tussen vrijheid en verantwoordelijkheid moeten we ook aanhouden voor de toekomst, waarbij diversiteit dé uitdaging wordt.

 

Bemin je naaste als jezelf

Ben je een leider of een teamplayer? 

Dat kan ik zelf niet stellen. Leiderschap, dat krijg je. Maar zonder team kom je nergens. Ik neem mijn verantwoordelijkheid. Als dat leiderschap is, ben ik een leider. Ik heb dat van thuis uit meegekregen, mijn vader was heel consequent en mijn moeder heeft een groot verantwoordelijkheidsgevoel. Ik denk dat die twee zaken mij gevormd hebben. Ik ben ook een product van mijn tijd, van de grote manifestaties voor Nelson Mandela, Amnesty International, Greenpeace… Ik ben nog altijd een ancien Greenpeace. De beweging heeft ook een hoog fuck you-gehalte, dat spreekt me heel erg aan: mensen die met speedbootjes tankers aanvallen. Je moet niet groot zijn, als je maar flexibel bent. Ik ben liever een speedboot dan een tanker. 

 
Werk je graag samen?

Samenwerken is keuzes maken, en mensen kiezen niet graag. Maar pas als je een keuze maakt, kan je de volgende stap nemen. Ik ben een echte bruggenbouwer. Ik heb een Vlaamse achtergrond, maar Afrikaanse ouders, een Vlaamse achternaam, maar een Afrikaanse huid. Ik ben protestants opgevoed maar sta open voor de vrijzinnigen. Nu werk ik voor het Minderhedenforum, maar ik ga aan tafel zitten met VOKA en UNIZO, de politici, academici en de media, het kerkelijk en katholiek onderwijs… We moeten ook samenwerken: momenteel leeft bijna vijftig  procent van onze achterban van etnisch-culturele minderheden onder de armoedegrens. De werkloosheid is verdubbeld op tien jaar tijd, 30 procent van de jongens en 25 procent van de meisjes met een migratieachtergrond zitten zonder diploma. Dat zijn ongelofelijke uitdagingen voor de samenleving. Dan kan je niet enkel roepen, dan moet je met iedereen in dialoog gaan. 

 
Ben je zelf ooit van mening veranderd? 

Wie nooit van mening verandert, is een dommerik. Als niemand zijn mening verandert, praten we tegen stenen. We moeten elkaar beïnvloeden en elkaar ontmoeten, maar er is wel een ondergrens: trouw blijven aan je waarden. Dat is je DNA. Pas op: bijsturen mag, maar het gaat dan eerder om het veranderen van tactiek. Als je niet over de berg kunt, ga je er langs. Punt is aan de andere kant te willen geraken. Mijn tactiek veranderde ook: ik ben van het middenveld naar de administratie en dan naar de politiek overgestapt. Nu stap ik weer over naar het middenveld. Omdat ik vind dat het middenveld nu meer dan ooit een rol kan spelen. Maar die stappen zijn maar instrumenten, ik blijf dezelfde waarden verdedigen. Mensenrechten zijn mijn DNA. 

 Julie Van Garsse, deMens.nu-magazine

’Vlamingen hebben meer sympathie voor dieren dan voor migranten’ Artikel uit het Nieuwsblad

30 oktober 2014 1 reactie

’Vlamingen hebben meer sympathie voor dieren dan voor migranten.’ Die opmerkelijke uitspraak van Wouter Van Bellingen, directeur van het Minderhedenforum, wordt volmondig beaamd door Jozef De Witte, directeur van het Interfederaal Gelijkekansencentrum. ‘Is het niet vreemd dat oude volksgewoonten zoals het drinken van visjes, zonder al te veel tegenkanting worden afgevoerd, maar dat de discussie rond Zwarte Piet zoveel gehuil oproept?’

Racisme in Vlaanderen, het bestaat. Dat zegt Wouter Van Bellingen, de nieuwe directeur van het Minderhedenforum. ‘Vlamingen hebben kennelijk meer empathie voor dieren dan voor migranten’, zegt de voormalige schepen van Sint-Niklaas in het weekblad Knack. ‘In de loop der jaren heb ik gemerkt dat de aandacht voor beestjes alleen maar groter is geworden. Met dank aan Greenpeace, die de zeehonden- en walvissenvangst aan banden kon leggen. Ook de inspanningen van Gaia, dat volop de strijd voert tegen onverdoofd slachten, hebben heel wat opgeleverd. Die organisaties zijn erin geslaagd om dierenrechten op de agenda te zetten. Het zou fijn zijn die evolutie ook op menselijk vlak te zien.’

Volgens Ico Maly, afgevaardigd bestuurder van de interculturele beweging Kif Kif, schuilt er in de uitspraken van Van Bellingen ‘helaas heel wat waarheid’.’ ‘Historisch gezien zeker. In de jaren tachtig werden nieuwe migratiestromen beantwoord met een extreemrechts politiek discours. In diezelfde periode zien we ook de eerste dierenrechtenorganisaties bovendrijven. Terwijl enerzijds hulp ingeroepen werd voor panda’s en andere schattige beestjes, werden we aan de andere kant om de oren geslagen met debatten over migranten die massaal ons werk kwamen afpakken. Dieren werden gezien als bedreigd, migranten als bedreigend voor ons.’

Visjes drinken vs. Zwarte Piet

Maar alle schuld op ‘de Vlaming’ steken is ‘té kort door de bocht’, vindt Maly. ‘In deze discussie gaat het niet over hoe de Vlaming is, maar wel wat hij aangeleerd kreeg. Als de nieuwe staatssecretaris voor Asiel en Migratie migranten beoordeelt op hun economische productiviteit en niet vanuit de fundamentele mensenrechten ( Theo Francken stelde zich openlijk vragen over de financiële meerwaarde van immigranten uit Marokko, Congo en Algerije, nvdr.), dan ligt schijnbaar niemand daar wakker van. Die mensenrechten zijn blijkbaar bijkomstig geworden. En dat is gruwelijk.’

’Vlamingen zijn opgevoed in een monoculturele, verzuilde samenleving, waarvan je niet kan verwachten dat die van de ene dag op de andere zal veranderen. Want dan stuit je op weerstand’, zegt directeur van het Interfederaal Gelijkekansencentrum Jozef De Witte. ‘Is het niet vreemd dat oude volksgewoonten, zoals het drinken van visjes of het kattenwerpen in Ieper, zonder al te veel tegenkanting worden afgevoerd, terwijl de discussie rond het al dan niet verdwijnen van Zwarte Piet – eveneens een oude volksgewoonte – zoveel gehuil oproept? Ook dat heeft met empathie en erkenning te maken. Zonder in een wij-zij-debat te verzanden, moeten we de context die we meekregen in vraag durven te stellen. Neutraal zijn we al lang niet meer. Maar laten we dan alstublieft rekening houden met de gevoeligheden van iedereen. In het geval van de goedheilige man en zijn knecht moeten we evolueren naar een ander leuk gebruik waar iedereen zich in kan vinden. Ook de minderheden. Er valt echt geen tijd te verliezen.’

Dwingende maatregelen

Toch is Van Bellingen niet pessimistisch en ziet hij stilaan beterschap. ‘Discriminatie en racisme zullen natuurlijk niet zomaar verdwijnen. Maar in contacten met bijvoorbeeld Voka, Unizo en beleidsmakers merk ik toch dat we op een keerpunt staan. Vlaams minister-president Geert Bourgeois (N-VA) heeft zelfs gezegd dat discriminatie op de arbeidsmarkt bestaat, en dat hij dat verwerpelijk vindt. Tien jaar geleden was zo’n uitspraak ondenkbaar. Ook minister van Gelijke Kansen Liesbeth Homans (N-VA), die tien procent ambtenaren wil met een migratieachtergrond, is op de goede weg.’

Van Bellingen pleit wel voor ‘daden’. ‘De tijd van vrijblijvendheid is echt voorbij.’ Daarbij denkt hij aan dwingende maatregelen en quota voor alle kansengroepen op de arbeidsmarkt. ‘Niet alleen voor allochtonen, maar ook voor mensen met een handicap of alleenstaande moeders.’

 

Nieuwsblad, Christine De Herdt

%d bloggers liken dit: