Dag: 21 september 2012

Het winkelhart van Sint-Niklaas reanimeren: De opinie van Wouter Van Bellingen, SOS 2012.

14 oktober e.k. trekt Wouter Van Bellingen met een onafhankelijke plaatselijke lijst, onder de naam SOS 2012 (Sociaal Onafhankelijk Sint-Niklaas), naar de kiezer. De retailsituatie in de stad is voor hem een strijdpunt, waar andere kandidaten misschien minder aandacht voor hebben. Van Bellingen pleit voor een “winkelhart met PIT”, waarbij PIT staat voor Promotie, Innovatie en Taks op leegstand. Even de hoofdlijnen van zijn verhaal proberen te volgen.

 1. Winkelstad Sint-Niklaas heeft het moeilijk?

Van Bellingen: Retail is zonder meer een vitale ader voor een stad en Sint-Niklaas is van oudsher een middenstandersstad. De leefbaarheid van een stad en de fierheid van haar burgers zijn ermee verbonden. Dat Sint-Niklaas vandaag misschien voor sommigen een voorbeeld is van hoe het niet had gemoeten, is het gevolg van een aantal uiteenlopende ontwikkelingen, waarvan het Shoppingcenter Waasland er maar eentje is. De neergang van het winkelhart van Sint-Niklaas is al vroeger begonnen en is door de komst van Waasland Shopping hoogstens versneld. Stadskernvernieuwing is voor mij het sleutelwoord om de neergang van de winkelkern te keren.

 2. Wat is er dan volgens u zoal misgegaan?

Van Bellingen: De winkelstraten zijn op een eenzijdige manier doorgeslagen, waarbij de commerciële mix is verschraald en de publieke functies uit de winkelstraten zijn weggetrokken. Onder meer door het aanzuigeffect richting Waasland Shopping is leegstand ontstaan, die helaas geen sociale invulling heeft gekregen. In de Ankerstraat is dat al veel langer geleden gebeurd; de Stationsstraat, die nog het paradepaardje is gebleven, is als laatste nu eveneens aangetast.

3. Waasland Shopping is geen boosdoener?

Van Bellingen: Zeker niet. Er is onmiskenbaar een impact op het commerciële evenwicht, maar het shoppingcenter zorgt ook voor extra tewerkstelling en het zijn goeddeels andere mensen die zich naar het shoppingcenter begeven om te winkelen, dan zij die de stadskern opzoeken. Er is overlap, maar de stadskern geeft duidelijk ook invulling aan andere behoeften, waardoor beide complementair zijn. We moeten de scherpte van de concurrentie niet overroepen.

Met duidelijke onderlinge afspraken is het perfect mogelijk dat zowel de stadskern als het shoppingcenter zich kunnen profileren en floreren. Een taxatiesysteem volgens de vierkante meters verkoopoppervlakte, waardoor winkels met meer vierkante meters ook meer betalen en de kleinere (vooral in de stadskern) minder, kan een evenwicht brengen in de ademruimte voor verschillende types ondernemers.

4.  Wat maakt Sint-Niklaas een toffe winkelstad?

Van Bellingen: Een winkelhart heeft alles te maken met een goede profilering, uitgaande van een gezellige kern. In Haarlem, dat toch vlakbij Amsterdam ligt, lukt het, dus moet het met een stad tussen Antwerpen, Brussel en Gent ook kunnen. Beveren benut in dezelfde regio kansen die Sint-Niklaas laat liggen – al is het verhaal daar amper vergelijkbaar met het onze, maar goed. Sint-Niklaas is tegelijk niet te groot en niet te klein, alles is er goed bereikbaar. Met een heldere visie en een krachtig beleid kunnen we Sint-Niklaas aantrekkelijk maken en dat uitspelen.

5.  Heldere visie, krachtig beleid: wat beoogt u?

Van Bellingen: Misschien moeten we het centrummanagement zodanig omvormen, dat het niet meer zozeer de stad is die de voortrekkersrol speelt in de commerciële ontwikkeling, maar dat de stad louter ondersteuning biedt aan de handelaars die zelf die verantwoordelijkheid opnemen. Zij moeten het heft in handen nemen. De taxatie volgens vierkante meters winkeloppervlakte kan daar een rol in spelen, maar ook een hogere leegstandsbelasting. Nu bedraagt die amper negenhonderd euro per jaar, wat het soms fiscaal aantrekkelijk maakt om een pand te laten leegstaan. Leegstand is wel degelijk een reëel probleem in Sint-Niklaas, en niet alleen in de Stationsstraat. Innovatie is de sleutel om het euvel aan te pakken. De ondernemers die gebleven zijn, zullen creatief met service en kwaliteit voor de dag moeten komen. Aan die heropwaardering kan het stadsbestuur ondersteuning bieden en impulsen geven; het is niet haar rol om haar eigen ding voor te schrijven.

 6. Veel staat of valt toch met mobiliteit, niet?

Van Bellingen: Klopt. Als er geen visie is, werkt dat verlammend. We moeten ingrepen durven doen om de bereikbaarheid van de binnenstad te verbeteren. We moeten ook afstappen van waanidee dat de Grote Markt een gigantisch rondpunt is. Het moet een gezellige omgeving worden, waar je snel in en uit de stad naartoe kunt, met voldoende parkeergelegenheid in de nabijheid. Zorgwekkend vind ik bijvoorbeeld hoe de banken naar de stadsrand bewegen. Dat is geen goede ontwikkeling: de publieke functie in de winkelstraten is ook ontzettend belangrijk.

jhv, Retailupdate nieuwsbrief.

Solidariteitsstad wil nu ook ‘vredesgemeente’ worden Sint-Niklaas.

Sint-Niklaas wil zich de komende jaren verder profileren als solidaire stad en zal dat doen onder de noemer ‘Solidair Sint-Niklaas’.

Sint-Niklaas heeft een lange vredestraditie. De jaarlijkse Vredefeesten willen de bevrijding van de stad tijdens WOII herdenken en de vredesboodschap blijvend overbrengen bij het grote publiek.

In 2011 was Sint-Niklaas de allereerste Unicef Solidariteitsstad. Het hele jaar werkten het stadsbestuur, de Actie- en Adviesgroep Solidariteit, scholen en tal van verenigingen samen om kinderrechten en internationale solidariteit in de kijker te plaatsen.

Aan het stadhuis hangt tijdens de Internationale Dag van de Vrede op vrijdag 21 september de vredesvlag op. Dat om de eis voor ontwapening en het belang van vrede kracht bij te zetten. De stad maakt ook deel uit van het netwerk Mayors for Peace.

In oktober wordt aan de gemeenteraad een intentieverklaring voorgelegd om “vredesgemeente” te worden. Als de intentieverklaring opgenomen wordt, belooft de raad zich in te zetten om op lokaal vlak te werken aan een ‘Cultuur van Vrede’.

SOPY