Maand: maart 2012

“Zijn spirit is onbreekbaar”. Katrijn Van de Voorde, de vrouw VOOR Wouter Van Bellingen

De politiek kan een meedogenloze wereld zijn, iets wat schepen Wouter Van Bellingen de voorbije twee maanden als geen ander ondervond. Zijn echtgenote Katrijn Van de Voorde kan ervan meespreken. Ze maakte zijn successen mee, zoals De massatrouw vijf jaar geleden, maar staat ook naast hem nu hij politiek geïsoleerd dreigt te geraken. “Dat Wouter nu zo wordt aangevallen, is natuurlijk niet leuk. Maar het heeft zijn spirit niet aangetast. Zelfs als ik mij zou laten ontmoedigen, ziet hij altijd lichtpuntjes”, vertelt ze in een exclusief interview met deze krant.

Het kan verkeren. Vijf jaar geleden was Wouter Van Bellingen de grote ‘coming man’ in de politiek. Met het massahuwelijk waren de schijnwerpers van de hele wereld even enkel en alleen op hem gericht. Op het podium op de Grote Markt verdrongen de lokale politici zich rond Van Bellingen om ook even in het voetlicht te staan. Amper vijf jaar later wordt er in Sint-Niklaas politiek afgerekend. Plots is zelfs de politieke toekomst van de bekende zwarte schepen onzeker. De breuk met het kartel heeft Van Bellingen ge-isoleerd. Hij staat er nu alleen voor, weliswaar met zijn vrienden van SOS-2012 rond zich. En met zijn echtgenote Katrijn Van de Voorde natuurlijk. “Er is veel gebeurd, maar Wouter blijft er toch vooral rustig bij. Hij weet wat zijn doel is en waar hij voor wil gaan. En hij is niet alleen. Er staat een hele groep naast hem. Mensen die de hele heisa van het massahuwelijk hebben meegemaakt, maar ook nieuwe mensen. Wat er nu ook gebeurt, Wouter weet wat hij wil en dat maakt hem strijdvaardig. Alleen de aanval van het jeugdhuis heeft hem erg pijn gedaan. Wij hebben samen als jong koppel zoveel voor Den Eglantier gedaan. Hij vond dat zo onrechtvaardig.” “Net zoals de weigering van die koppels geen keuze van hem was, heeft hij er ook niet voor gekozen om uit het kartel gezet te worden. Dat Wouter zo wordt aangevallen, is natuurlijk niet leuk. Daarom probeer ik in deze periode politiek en privé nog meer te scheiden. Ook Wouter kan dat goed. Ondanks de strubbelingen heeft hij nog steeds een heel goeie persoonlijke relatie met de familie van Freddy Willockx. Dat staat los van de politiek.”

Lawine

Katrijn Van de Voorde is niet de vrouw die zich met de job van haar man gaat moeien. “Ik ben geen politicus. De enige raad die ik hem geef, is dat hij zichzelf moet blijven. 2007 was als een sneeuwbal die een lawine werd. Ondertussen zijn we wat jaren verder. Het waren zeer woelige jaren en er is veel gebeurd. Wat anderen misschien in een hele politieke loopbaan meemaken, gebeurde bij hem in een paar jaar. Hij heeft er de voorbije jaren wel eens aan gedacht om iets helemaal anders te gaan doen. Op momenten dat de kinderen geconfronteerd werden met de neveneffecten van de politiek bijvoorbeeld. Wouter is zelden thuis. Als onze achtjarige dochter in plaats van een verjaardagsfeestje een weekendje voor het gezin vraagt, dan besef je dat we de ‘family time’ moeten koesteren.”

Enthousiasme

Heeft zes jaar politiek zijn enthousiasme aangetast? “Ondanks het feit dat hij 40 jaar wordt, is dat niet veranderd. Dat hij schepen van Jeugd is, zal wel helpen. Hij is niet cynischer geworden. Hij blijft het altijd van de positieve kant bekijken. Waar ik mij eerder zou laten ontmoedigen, ziet hij altijd lichtpuntjes. Wat de toekomst brengt, zullen we wel zien. Wouter heeft altijd mensen willen helpen. Politiek is op dit moment voor hem de manier om dat te doen. Als de politiek wegvalt, gaat hij wel op zoek naar een andere manier om dat te bereiken.”

Steeds Open & Samen voor Sint-Niklaas, onze Stad.

SOS 2012 (Sociaal Onafhankelijk Sint-Niklaas) is er voor àlle Sint- Niklazenaren. Wit of zwart, jong of oud, vermogend of minder vermogend, het doet er niet toe. Bouwen aan een beter Sint- Niklaas moeten we samen doen. In een open dialoog met alle inwoners van onze stad.

Zelf heb ik als schepen in de voorbije zes jaar deze dialoog proberen organiseren. Bij mij was en is elke Sint-Niklazenaar welkom. Nooit heb ik iemand achteruitgesteld, zoals ik nooit iemand heb voorgetrokken.

Politieke fairplay is voor mij een kwestie van eer. En hopelijk speelt iedereen het spel fair. Maar wie leugens blijft verspreiden over mij, zeg ik klaar en duidelijk: ik laat mij niet zwart maken.

Op 14 oktober gaat SOS 2012 met een eigen lijst naar de kiezer. Niet met een verzuurde boodschap, wel met een positief project. Niet om met modder te gooien naar anderen, wel om anderen meer kansen te geven.

met vriendelijke groeten

Wouter Van Bellingen

Stad annuleert missie naar Suqian Sint-Niklaas.

De geplande missie van de stad naar de Chinese partnerstad Suqian deze maand is geannuleerd wegens de financiële crisis.

Een tiental Wase bedrijfsleiders zou samen met intercommunale Interwaas en een delegatie van de stad naar Suqian afreizen. Het schepencollege heeft ondertussen een brief geschreven waarin het meldt dat het bezoek niet doorgaat. “Het bleek voor de bedrijfsleiders niet mogelijk om naar China te gaan”, verduidelijkt schepen van Internationale Betrekkingen Wouter Van Bellingen (SOS 2012). “Door de financiële crisis geraken ze niet weg.” Het stadbestuur van Suqian nam na de brief zelf het initiatief en kondigde aan dat zij met een delegatie naar het Waasland zouden komen. “We zijn tevreden dat we hen hier kunnen ontvangen”, geeft Van Bellingen aan. “Suqian wil het contact met onze regio nog versterken.

Men is onder meer op zoek naar een Europees distributiecentrum voor sake. Dat zou heel wat tewerkstelling met zich meebrengen.

BEFO, GVA

We hebben de showman ingeruild voor een klepper. Freddy Willockx rekent af met Wouter Van Bellingen.

Nog niet zo heel erg lang geleden was Wouter Van Bellingen de coming man van Sint-Niklaas. Die tijden lijken definitief voorbij.

Als de gemeenteraadsverkiezingen op verschillende plaatsen de gemoederen beginnen te beroeren, dan geldt dat zeker voor Sint-Niklaas. Het linkse front heeft er woelige tijden achter de rug. Begin dit jaar zetten sp.a en Groen hun progressieve kartelpartner SOS 2012 aan de kant. Het eindpunt van een samenwerking die al erg lang spaak liep volgens de eerste twee. Wouter Van Bellingen, kopman van SOS 2012 en bekend als de eerste zwarte schepen van het land, probeerde de brokken nog te lijmen. Tevergeefs.

“Begrijp ons nu niet verkeerd, we zijn niet rancuneus”, benadrukt Freddy Willockx. “Veel woorden wil ik er niet meer aan vuil maken.” Al blijkt dat makkelijker gezegd dan gedaan. “Twee jaar geleden is de miserie begonnen”, windt Willockx zich even later toch op. “Er is één ding waar ik op sta. Dat de schepenen verantwoording afleggen aan hun bazen, de gemeenteraadsleden. En plots ontbreekt Wouter Van Bellingen. Zonder verwittiging. Hij vond het belangrijker om in Sterren op de dansvloer(Van Bellingen nam in 2010 deel aan het vtm-programma, avb) te staan. Vanaf dan is het constant wat geweest.” Willockx is een monument in Sint-Niklaas. “Al 41,5 jaar gemeenteraadslid”, zegt hij niet zonder trots. Als lijstduwer in oktober wil hij daar nog zeker een ambtstermijn aan toevoegen. Minister van Staat is hij ook. En ex-burgemeester ondertussen eveneens. In 2010 gaf Willockx de fakkel door aan Christel Geerts. Officieel houdt Willockx zich nu op de achtergrond. Zegt hij zelf. Geerts en kartelpartner Sofie Heyrman, schepen voor Groen, en in oktober respectievelijk eerste en derde op de gezamenlijke lijst, schieten in de lach en wisselen veelbetekende blikken uit.

Extreem links of rechts?

Niet dat ze de ergernis van Willockx niet delen, integendeel. Geerts: “Op een gegeven moment lezen we in de krant dat Van Bellingen optrekt met personen aan de linker dan linkse zijde (doelt o.a. op oprichter van Rood!, Erik De Bruyn, avb). Op dezelfde dag laat een van zijn partijgenoten zich erg scherp uit tegen stakers en het syndicale apparaat. Waar staan die dan voor?” Want het wordt nog gekker, weet Willockx. “Onlangs hoorde ik dat ze aan Open Vld gevraagd hebben om een kartel aan te gaan. Snapt u wat we bedoelen? Extreem links, rechts, wat is het nu? SOS is een ongeleid projectiel, de vriendenclub van Wouter.

” Sp.a en Groen zijn met andere woorden opgelucht dat ze van Van Bellingen en co verlost zijn, “in het belang van de stad”. Gevolg is hoe dan ook dat de kandidatenlijst voor 14 oktober herbekeken moest worden. De gaten die SOS 2012 geslagen heeft, moesten nog opnieuw worden opgevuld. Niet in het minst de tweede plaats die voor Van Bellingen was gereserveerd. In de plaats is nu “een klepper” aangetrokken, verzekert Willockx. “We hebben show ingeruild voor kwaliteit. Een sympathieke show, dat wel.” Die kwaliteit zal moeten komen van Herman De Vleeschhouwer, directeur van de Sint-Niklase muziekacademie. Enkele jaren geleden was hij in de running om kabinetsmedewerker te worden van Vlaams onderwijsminister Pascal Smet (sp.a). Willockx mag Van Bellingen dan bestempelen als een showman, van persoonlijke problemen is geen sprake. “Het lag misschien minder aan Wouter dan aan de structuur van SOS.” De vrouwelijke collega’s hebben hun bedenkingen. “Wouter heeft de burgemeesterswissel nooit geaccepteerd.” Willockx geeft toe dat er misschien wel wat persoonlijke ambities spelen ook. “Het heeft bij Wouter wel in de onderbuik gezeten. De eerste zwarte burgemeester van België…”

“We moeten ons nu focussen op ons eigen project voor 2018”, zegt Heyrman. Klopt, zegt burgemeester Geerts. “Wij hebben het daar nooit meer over. De sfeer is nu ook zoveel beter binnen ons kartel.” Sp.a en Groen maken zich dan ook geen al te grote zorgen tegen oktober. “De splitsing met SOS 2012 zal ons wel enkele procenten kosten. Maar we hebben vertrouwen.”

AVDB, De Morgen

Jongeren en politiek: vraag en aanbod

De uitzending van Terzake vorige week over de jongerenafdelingen van politieke partijen heeft heel wat reacties losgeweekt, om te beginnen bij de politieke partijen zelf. De vaststelling dat er nog maar weinig jongeren zijn die zich willen engageren in een politieke partij, krijgt ook gemakkelijk weerklank omdat ze past bij een bepaald vooroordeel dat in elk al leeft. We horen graag dat jongeren niet meer geïnteresseerd zijn en niet meer bereid zijn zich in te zetten. In werkelijkheid ligt het verhaal net iets ingewikkeld en zoals steeds moeten we hierbij rekening houden met zowel de vraag (de jongeren die zich willen engageren) als met het aanbod (de organisaties waarbinnen ze zich kunnen engageren).

De cijfers die in de uitzendingen werden geciteerd zijn juist natuurlijk: het aantal jongeren dat nog de weg vindt naar een politieke partij ligt laag, en daalt nog zienderogen. De Belgische politieke partijen volgen daarmee een internationale trend. In zowat alle landen zien we dat het ledenaantal van politieke partijen daalt. Diegenen die nog lid zijn (en dat zijn dan inderdaad vooral wat oudere burgers), blijven nog wel trouw hun lidgeld betalen, maar de partijen hebben het steeds moeilijker om nog voldoende jongere leden aan te trekken.

Dat betekent dat politieke partijen steeds minder in staat zijn om nog echt te vertolken wat er in de samenleving gebeurt. In 1987 hadden alle Belgische politieke partijen samen nog 634.000 leden. Dat is een enorm groot aantal, en het betekende in de praktijk dat één op de tien kiezers lid was van een partij. Dat betekende ook dat iedereen wel iemand kende die partijlid was, en die leden functioneerden als een enorm groot reservoir van vrijwilligers. Tijdens verkiezingscampagnes konden partijen ook een beroep op die vrijwillige inzet. Dat is nu voor een flink stuk verleden tijd, en dat betekent dat politieke partijen hun verkiezingscampagnes nu volledig laten bepalen door professionele marketingbureaus.

Minder leden

Zo goed als alle politieke partijen verliezen dus leden, en er zijn niet zo veel uitzonderingen op die regel. Het ledenaantal van de N-VA stijgt natuurlijk spectaculair en die partij zit nu boven de 30.000 leden. Maar als je rekening houdt met de 1.250.000 kiezers van die partij is dat helemaal niet veel. Het betekent immers dat één kiezer op veertig effectief lid wil worden van de partij, en dat is ver beneden de verhouding van één op tien die de grote partijen een kwart eeuw geleden kenden. Ook de Volksunie had toen meer dan 50.000 leden, terwijl die partij veel kleiner was.

Terwijl de N-VA groeit en ook jonge leden aantrekt, zien we aan de andere kant van het spectrum CD&V staan, een partij die te kampen heeft met een sterk verouderend ledenbestand. Hier zien we het levensgrote dilemma voor die partij. CD&V blijft als geen ander een sterke beleidspartij, die in staat is zeer gewaardeerde beleidsvoerders als Herman Van Rompuy, Steven Vanackere en Kris Peeters af te leveren. Maar tegelijk zien we dat vooral jongeren en hoogopgeleide stedelingen die partij helemaal niet meer als aantrekkelijk en mee met de tijd ervaren. In de twee grootste steden van Vlaanderen, Gent en Antwerpen, bestaat CD&V nauwelijks nog en speelt ze totaal geen rol bij de komende gemeenteraadsverkiezingen. Als de partij haar leidinggevende rol in de Belgische politiek in de toekomst wil bewaren, dan zal ze zich toch dringend moeten bezinnen over haar aantrekkelijkheid bij jongeren. Dat is meer dan zomaar een marketingoperatie: het is bijzonder moeilijk om het traditionele christen-democratische gedachtegoed te verzoenen met de waardeoriëntaties die nu eenmaal dominant zijn geworden in de westerse samenleving.

Engagement

Jongeren en politieke partijen vormen dus inderdaad een moeilijke combinatie. Maar het is verkeerd hieruit te besluiten dat jongeren de weg naar de politiek niet meer vinden. Het omgekeerde is waar: jongeren engageren zich juist volop voor allerlei initiatieven, alleen niet meer voor politieke partijen. De politieke partijen zijn dus helemaal atypisch en zij volgen niet de trend van andere verenigingen en vormen van engagement. Onze onderzoekseenheid heeft vorig jaar een grootschalig onderzoek gedaan bij 21-jarige jongeren, en daaruit blijkt dat zij behoorlijk actief zijn. Ongeveer dertig procent houdt bij zijn/haar aankoopgedrag rekening met politieke en ethische overwegingen, 40 procent geeft geld aan een goed doel of tekent een petitie en 10 procent heeft het afgelopen jaar deelgenomen aan een betoging of protestactie. Dat zijn heel normale cijfers, die perfect in lijn liggen met wat oudere bevolkingsgroepen doen. Jongeren zijn dus net zo sterk geëngageerd als de andere leeftijdsgroepen.

Het enige verschil is dus dat ze niet langer de weg vinden naar politieke partijen. Dat heeft niet enkel met ideologie te maken. Bij Groen kun je er nog van uit gaan die partij een ideologie heeft die jongeren aanspreekt, maar toch zie je dat ook die partij op ongeveer vijfduizend leden blijft steken.

Partijen veranderen

Er is dus wel degelijk een kortsluiting tussen jongeren en de politieke partijen. Vanuit de kant van de jongeren is er duidelijk een zekere aarzeling om zich nog echt te binden. Een partijlidmaatschap is inderdaad een tamelijk definitieve stap, en door lid te worden geef je aan dat je je toch voor langere tijd wilt verbinden aan één specifieke partij. Jongere leeftijdsgroepen willen zich duidelijk nog wel engageren, maar dan niet meer voor een dergelijke langere termijn. Maar omgekeerd moeten we ons ook afvragen of politieke partijen nog wel zo geïnteresseerd zijn in jongere leden. Politieke partijen zijn professionele campagne-machines geworden, die nu reeds volop allerlei strategische spelletjes spelen met het oog op de gemeenteraadsverkiezingen van 2012 en de federale en regionale verkiezingen van 2014. Jonge leden, die misschien over tien of twintig jaar zullen doorgroeien, zijn helemaal niet interessant als je enkel op korte termijn denkt.

Het feit dat jongeren helemaal niet meer de weg vinden naar politieke partijen is dus helemaal niet zo erg, en het heeft ook – en vooral – te maken met de manier waarop politieke partijen tegenwoordig functioneren. Als je bijvoorbeeld kijkt naar een initiatief als de G1000, dan viel het op dat veel jongeren daar meteen enthousiast over waren en ook bereid waren zich vrijwillig in te zetten. Maar een initiatief als de G1000 toont ook meteen de Achillespees aan van al dat nieuwe engagement: heeft het in de praktijk ook enig effect? De goede wil is er duidelijk wel, maar ook in de politiek spelen wetten en praktische bezwaren helaas een belangrijke rol. Een boodschap op een Facebook-pagina zetten blijkt in de praktijk onvoldoende om ook echt iets te veranderen.

Marc Hooghe

(De auteur doceert politieke wetenschappen aan de KU Leuven en de Universiteit van Mannheim)

De redactie.be