Dag: 28 januari 2012

Zelfde wapen, maar beter verhaal.

Of je als vakbond een machtsmiddel zoals een staking inzet, hangt af van de verwachting over het bereiken van de doelstelling. In deze om de regering tot een beleidswijziging te dwingen. De sociaaldemocratische en christendemocratische partijen zijn niet meer zeker of ze stemmen winnen of verliezen bij een confrontatie met de bonden. De economische druk op de werkgevers en de regering wordt afgewogen tegen hun communicatieve overwinning.

Het publiek mobiliseren en overtuigen hoort in het rijtje doelstellingen van een vakbondsactie. Een betoging of staking brengt een mobilisatiemachine op gang van duizenden vrijwilligers, die in de bedrijven aan collega’s trachten uit te leggen waarom ze op straat komen. De strijdpunten worden op die manier ook op de politieke en maatschappelijke agenda gebracht. Zelfs al stokt het vakbondsnetwerk in de bedrijven wel eens of gaat de boodschap verloren in een stortvloed aan negatieve reacties. Een persbericht kan worden genegeerd, een landelijke staking al veel moeilijker.

De on- en offlinestrijd de voorbije weken toont dat de impact van een vakbondsactie sterk afhangt van de communicatie. Mobilisatie lijkt het te moeten afleggen tegen internetcommunicatie. Moet de vakbond haar standpunten daarom herbekijken en standpunten zoeken die meer aansluiten bij ‘de publieke opinie’? Kwestie van ook eens een positieve boodschap te kunnen brengen?

Verontwaardiging

Absoluut niet. Politiek is een kwestie van overtuigen, niet van absolute waarheden. Geen twee economen voorspellen hetzelfde over de wereldeconomie, laat staan dat alle economen menen dat we de crisis zullen oplossen door werklozen een lagere uitkering te geven die hen onder de armoedegrens duwt. Ik ken duizenden (werkende) vakbondsmilitanten en -leden die daarover verontwaardigd zijn. Laat die verontwaardiging de vakbond drijven.

Behalve de verwachting van succes van een staking is ook de motivatie in de vakbond belangrijk. De motivatie van heel wat militanten en leden kreeg een flinke knauw door de communicatiestorm. De overtuiging dat voor de juiste doelen gestreden wordt, is natuurlijk – ook bij de meest overtuigde militant – onderhevig aan sociale druk. De vakbond is een complexe actor die in een complex dossier – waarin diverse werknemersgroepen op verschillende manieren worden geraakt – een heterogeen beeld geeft.

De opdracht voor de vakbond ligt daarom niet bij het herevalueren van het stakingswapen. Er zijn nu eenmaal weinig wapens voor werknemers in de sociale strijd. De taak is een globaal verhaal te brengen dat niet enkel uitgaat van de onvrede van wie te lijden zal hebben onder de regeringsmaatregelen, maar ook van de verontwaardiging van de militanten in andere omstandigheden en andere sectoren, én die van de jonge twitteraar. Want vakbondsmilitanten zijn sterk in het communiceren op de werkvloer. Maar een twitteroffensief is duidelijk te hoog gegrepen voor de vakbond. De intensieve gebruiker van sociale media is jong en ongetwijfeld hoger dan gemiddeld geschoold. Het gemiddelde profiel van de vakbondsafgevaardigde staat daar ver vanaf.

De vakbond heeft jonge, gedreven mensen nodig. Niet noodzakelijk jonge afgevaardigden. Maar misschien net diegenen die zich nu online verzetten tegen de staking en tegen de vakbond. Want is een massa verontwaardigde mensen niet net wat wij zoeken? Is het ondenkbaar dat de twitteraar van het Egyptische Tahrirplein, mocht hij in België opgroeien, een boos bericht twittert omdat zijn bus niet rijdt?

Mening vormen

Om de kracht van het stakingswapen te herstellen moeten de vakbonden hun plaats afdwingen in het (sociale) medialandschap. Niet als de vakbondsleiding al beslist heeft dat er wordt gestaakt, wel als de jongeren nog onwetend achter hun pc zitten en hun mening vormen.

Jongeren zijn absoluut bereid een gedachtegoed dat uitgaat van solidariteit mee te ondersteunen. Dat denktanks en media ons vandaag een dichotome samenleving voorhouden van luie ouderen en actieve jongeren, zal de vakbonden en jongeren er niet van weerhouden voor een betere wereld te strijden. Ook als het de media binnenkort beter uitkomt de jongeren af te schrijven als een verwende generatie, een zootje dat in het weekend dronken rondrijdt en tijdens de week onvoldoende presteert op het werk omdat zijn of haar arbeidsethos niet voldoet aan de verwachtingen van de werkgever. Ook dan staat de vakbond voor de jongeren klaar, ongeacht de berichten van de voorbije weken op hun Facebook- of Twitter-account. Maar vakbonden zullen een beter verhaal moeten brengen, dat minstens evenveel verontwaardiging oproept als de acties die ze voeren.

Issam Benali

Is 27 en secretaris bij de Algemene Centrale van het ABVV, afdeling Antwerpen-Waasland. Hij schrijft deze bijdrage in eigen naam.

De Tijd.